Evergreen is het doel voor IFS, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan

Als leverancier van software, word je tegenwoordig geacht om je diensten ook in de cloud aan te bieden. Dat is echter niet voor iedere aanbieder even eenvoudig. IFS is zo’n bedrijf dat regelmatig de kritiek krijgt dat het te langzaam naar de cloud gaat. Recent hadden we de mogelijkheid om Darren Roos, de nieuwe CEO van het Zweedse bedrijf, te spreken. We hebben hem uiteraard gevraagd hoe hij hier tegenaan kijkt. Daarnaast kwamen ook andere onderwerpen ter sprake. Een ding is duidelijk, Roos heeft in ieder geval een duidelijke visie, waarin ‘meer focus’ een cruciale rol speelt. 

Nu is het op zich niet zo gek dat een CEO focus wil aanbrengen in de organisatie. Dat is namelijk een van de dingen waarvoor iemand op die positie is neergezet. IFS is echter toch een geval apart. Als je naar de homepage gaat, verdwaal je al snel in een woud van producten en oplossingen. Daar wil Roos in de komende tijd meer orde in scheppen.

Het is niet zo dat IFS een enorm groot bedrijf is. Dan zou een dergelijk aanbod redelijk logisch zijn. IFS is een bedrijf met 3500 werknemers dat een netto kwartaalomzet rapporteerde voor Q1 van 2018 van net iets meer dan 1 miljard Zweedse kronen. Omgerekend naar euro’s komen we dan net onder de 100 miljoen uit. Dat is zeker netjes, maar niet extreem veel. Gezien hun focus op tamelijk specialistische markten zoals olie en gas, luchtvaart en manufacturing, is dit niet heel vreemd overigens.

Darren Roos, CEO van IFS, tijdens de World Conference

ERP en FSM belangrijkste pijlers voor IFS

Onder de streep is het erg duidelijk waar IFS zich in de praktijk op focust, ook al mag dat van de website niet altijd even duidelijk af te lezen zijn. Grofweg 80 procent van de inkomsten is afkomstig uit ERP (Enterprise Resource Planning) in de breedste zin van het woord, 20 procent uit FSM (Field Service Management). IFS Applications, waarvan tijdens de recente World Conference versie 10 werd aangekondigd, bestaat voor een deel uit ERP, maar voegt daar nog meer componenten aan toe. Zaken zoals asset management en project management maken er ook onderdeel van uit. Het project management-deel is overigens een voorname reden geweest dat meerdere klanten die wij tijdens de World Conference spraken, voor IFS hebben gekozen. Daarmee onderscheidt het bedrijf zich dus kennelijk goed in de markt.

Servitization

Een van de trends waar IFS op het moment mee te maken heeft, is wat met een niet zo fraai woord ‘servitization’ genoemd wordt. Hiermee wordt bedoeld dat verdienmodellen van leveranciers steeds meer richting service gaan. Het draait dan niet meer zozeer om het verkopen van hardware of software tegen een vast bedrag of perpetual license, maar om een abonnementsmodel. Voor die abonnementskosten krijgen klanten dan service.

Een deel van servitization wordt gevoed door de gestage groei van IoT. Veel bedrijven willen meer en meer alles in de gaten houden. Niet alleen als een product gemaakt wordt, maar ook gedurende de levensduur ervan. Het gaat dan niet alleen om het krijgen van waarschuwingen als er zaken verkeerd dreigen te lopen overigens. De geboden service wordt ook steeds vaker gebruikt om processen zo efficiënt mogelijk te laten verlopen. Als je de data toch continu binnenkrijgt, kun je er maar het beste ook iets nuttigs mee doen.

Roos geeft desgevraagd dan ook aan dat IFS naar alle waarschijnlijkheid meer focus gaat leggen op FSM dan nu het geval is. ERP wordt zeker niet vergeten overigens. Dat zou ook niet zo slim zijn natuurlijk, gezien het belang van dat onderdeel voor het bedrijf.

Enterprise Operational Intelligence

Waar we geen specifieke focus op moeten verwachten, is Enterprise Operational Intelligence (EOI). Dit bedrijfsonderdeel is voortgekomen uit het Nederlandse VisionWaves, dat in 2015 werd overgenomen. Met EOI kun je als het ware een digital twin van je volledige organisatie maken. Hiermee kun je exact zien waar eventuele knelpunten liggen. Ook kun je ‘KPI’s’ aan bepaalde onderdelen hangen. Als er op een enkel onderdeel iets verandert, dan zie je meteen het effect hiervan in de hele keten, vanaf de strategie tot aan de uitvoering.

Het idee hierachter is uiteraard dat je meer inzicht krijgt in wat de resultaten zijn van een bepaalde strategie die je van bovenaf doorvoert. Andersom kun je ook zien wat de optimale route is om bij optimale resultaten te komen. Een belangrijk onderdeel van EOI is dat je dit soort zaken in real time kunt zien. Uiteindelijk moet dit dus niet alleen leiden tot betere resultaten, deze moeten ook sneller tot stand komen.

Op basis van wat wij ervan mee hebben gekregen tijdens de IFS World Conference, is EOI behoorlijk vernieuwend in hoe het zaken zoals business intelligence benadert. Toch komt er geen zware focus op volgens Roos. Dit heeft er vooral mee te maken dat IFS vooralsnog een te kleine speler is om hier fors in te investeren. Het zal dus vooral als een ‘add-on’ worden aangeboden bij klanten, niet primair als een op zichzelf staande oplossing.

Veel versies in het wild

Een van de voornaamste zaken waar IFS in de praktijk tegenaan loopt, is de variatie aan versies van Applications die in het veld nog actief worden gebruikt, soms ook binnen een en dezelfde onderneming. Roos noemt als voorbeeld Damen Shipyards. Daar zitten de afdelingen reparatie en constructie op verschillende versies van Applications. Dat werkt op zich wel, maar het is onder de streep handiger om bedrijfsbreed op dezelfde versie te draaien.

De voornaamste reden voor deze versplintering is dat IFS in het verleden niet prescriptive genoeg is geweest naar haar klanten toe. Er werd te veel custom gebouwd voor klanten. Dat was ook nodig, omdat er weinig standaardisering was. Daar worden nu echter de gevolgen van zichtbaar. Een bedrijf dat op het moment uitstekend kan werken met versie 7.5, dankzij de nodige specifiek op het gebruik aangepaste onderdelen, gaat niet naar een nieuwe versie zolang dat niet per se hoeft.

Mindere service en oneerlijke vergelijking

De vele versies die in het wild worden gebruikt, zorgen er soms voor dat de service wat te wensen overlaat. Dat hebben we tijdens de World Conference ook van enkele klanten gehoord. Er is immers een wildgroei aan customisations, verspreid over vele versies. Het is dan op het gebied van service niet altijd evident om klanten goed te kunnen ondersteunen.

Te lang blijven hangen op een specifieke versie heeft ook gevolgen waar je in eerste instantie waarschijnlijk niet meteen aan denkt. Als een bedrijf een volledig up-to-date concurrent onder ogen krijgt, dan vergelijkt hij deze met de verouderde versie van Applications. Dat zal doorgaans niet gunstig uitpakken voor IFS. Je vergelijkt dan iets van jaren oud met iets moderns. Dat is geen eerlijke vergelijking.

Langzaam naar de cloud

Een punt van kritiek dat we her en der horen is dat de gang naar de cloud maar langzaam wordt gemaakt door IFS. Dat leggen we uiteraard ook aan Roos voor. Die herkent zich daar wel in, maar nuanceert dit ook meteen. De cloud klinkt allemaal leuk en aardig natuurlijk. Je kunt sneller deployen, sneller updaten, sneller in gebruik nemen en je applicaties evergreen houden. In het geval van IFS was hier echter geen vraag naar vanuit haar klanten. Vandaar dat men er niet overdreven intensief mee bezig is geweest.

Kijk je bijvoorbeeld naar NetSuite, dan zijn die juist extreem sterk op het punt van de cloud. Dus ERP in de cloud kan wel. Waarom kan IFS dat dan niet? Roos is hier duidelijk over: IFS heeft klanten die veel meer specialisatie eisen. In de auto-industrie is het maken van een uitlaat bijvoorbeeld iets heel anders dan het maken van een aandrijfas, om maar eens een zijstraat te noemen.

Vergelijken we dit met hoe bijvoorbeeld SendCloud ERP in de cloud van NetSuite inzet (waar we eerder dit jaar een artikel over hebben gepubliceerd), dan is dat een vrij generiek proces. Dat kun je eenvoudig opschalen, ook als je andere diensten aan gaat bieden.

Cloud voor evergreen

Let wel, IFS biedt ERP- en FSM-diensten wel degelijk aan in de cloud op dit moment (zowel public als managed). Maar het percentage van de omzet dat daarmee wordt behaald, is vooralsnog erg klein. Als we de woorden van Roos rondom het meer en meer prescriptive worden in hun dienstverlening in het achterhoofd houden, dan zien we daar wel kansen om die component te laten groeien.

Uiteindelijk is de gang naar de cloud een goede katalysator voor het bieden van wat Roos een evergreen oplossing noemt. Je kunt hier immers veel meer sturen in hoe klanten je platform gebruiken. Daarmee wil Roos overigens niet beweren dat de flexibiliteit waar IFS om geroemd wordt, eruit wordt gehaald. Wel zullen er minder specifieke custom-componenten worden gebouwd.

Uiteindelijk moet het evergreen-concept ervoor zorgen dat het overstappen van een oudere naar een nieuwe versie niet alleen zo eenvoudig mogelijk gaat, maar ook onzichtbaar is voor de eindgebruiker. Dan is op termijn het gedoe rondom de verschillende versies opgelost, kan de dienstverlening verder omhoog worden geschroefd en zal de dienst in het algemeen sneller kunnen doorontwikkelen.

Het is duidelijk dat Roos nog het nodige werk voor de boeg heeft, ook al is IFS nu al erg succesvol. Hij oogt daar overigens wel degelijk klaar voor. De visie heeft hij wat ons betreft in ieder geval. Nu de uitvoering nog, samen met zijn collega’s. We zullen het blijven volgen hier op Techzine.