Google Cloud focust meer op enterprise, geen lock-in maar keuzevrijheid

Thomas Kurian is de nieuwe man bij Google Cloud. Als CEO moet hij Google Cloud naar een hoger level brengen. De grote vraag is natuurlijk wat hij anders gaat doen dan zijn voorgangers, wat hij geleerd heeft bij Oracle en wat hij nu wellicht anders of juist hetzelfde gaat doen. Twee dingen zijn direct duidelijk: er komt meer focus op enterprise klanten en de toekomst is volgens Kurian keuzevrijheid en geen lock-in.

Techzine was dit jaar aanwezig op Google Cloud Next om te zien welke kant de clouddienst van Google op beweegt. Onze timing kon niet beter, want dit jaar staat er een nieuwe man aan het roer bij Google Cloud. Een man die door de achterdeur was vertrokken bij Oracle vorig jaar. Naar verluidt is hij uit zijn functie gezet door Oracle-oprichter Larry Ellison, omdat hij met Oracle de andere clouds wilde omarmen en meer keuze wilde bieden.

Vorig jaar waren we ook op Oracle Open World, waar het vertrek van Kurian nog werd afgedaan als jammer. Men stelde dat er al drie uitstekende vervangers waren aangesteld. Toch schatten wij zo in dat het nog even onrustig is geweest bij Oracle, toen Kurian werd gepresenteerd als de nieuwe CEO van Google Cloud.

Eén ding is zeker, Google heeft zijn slag geslagen. Het bedrijf weet net als Amazon grote groepen ontwikkelaars op de been te krijgen en ze warm te maken voor nieuwe Google producten. In dat segment komt Google eigenlijk weinig te kort. Het is meer in de enterprise waar het bedrijf nog stappen kan zetten en waar het wat kan leren. Dat maakt de keuze voor Kurian een schot in de roos. Hij heeft zoveel ervaring bij Oracle opgedaan met enterprise organisaties, dat hij exact weet wat werkt én waar frustraties zitten bij organisaties.

Google Cloud gaat personeelsbestand fors uitbreiden om enterprise te bedienen

Kurian liet weten dat hij in zijn eerste weken bij Google Cloud vooral de tijd heeft genomen om met klanten te spreken. Honderden klanten sprak hij, om te horen waar hun frustraties zitten bij Google Cloud. Dat zijn ongetwijfeld andere frustraties dan bij Oracle. Volgens Kurian was het belangrijkste antwoord daarin dat Google Cloud te weinig mensen heeft om enterprise organisaties goed te ondersteunen. Mensen die de nieuwe Google-technologieën kunnen uitleggen en kunnen aangeven hoe dat voor de klant kan werken. Daarnaast mist Google Cloud mensen die kennis hebben van de markt waar klanten in actief zijn, zoals marktkennis van retail of de financiële sector.

Kurian liet weten dat als je een bank goed wil kunnen helpen, je ook voldoende mensen in huis moet hebben die het bankwezen goed kennen, weten wat de uitdagingen zijn en hoe Google Cloud-technologie daar verbeteringen in kan aanbrengen.

Het eerste plan van Kurian is dan ook dat er veel nieuw personeel aangetrokken moet worden bij Google Cloud. Meer mensen op sales, customer service, customer engineering en mensen met specifieke marktkennis. Dit moet ervoor gaan zorgen dat grote klanten veel beter geholpen kunnen worden. Hij wilde niet toelichten om hoeveel mensen het precies gaat, al doet het gerucht de ronde dat het om duizenden extra mensen gaat.

Dit moet er uiteindelijk ook voor zorgen dat meer organisaties Google Cloud gaan overwegen. Kurian: “Als we het op moeten nemen tegen Amazon Web Services en Azure, weten we steeds vaker te winnen.” Het komt alleen nog te weinig voor dat ze die kans krijgen, ze worden nog niet altijd overwogen of uitgenodigd.

Kurian pleit voor een open cloud, met standaarden en zonder lock-in

Kurian liet verder weten:“De visie van Google is een open cloud. Een cloud waarin de klant de keuze heeft en waar geen lock-in is. Google Cloud ziet multicloud al geruime tijd als een probleem dat moet worden opgelost. Klanten moeten technologie kunnen gebruiken op alle hardware en alle virtualisatieplatformen, zonder dat ze daarvoor hun workloads moeten aanpassen.”

Volgens Kurian staat cloud nog in de kinderschoenen. Klanten hebben nog een keuze omdat we nog in de beginfase zitten van de cloud. De weg naar de cloud moeten veel bedrijven nog afleggen. Kurian haalt aan dat 80 procent van alle workloads nog steeds on premise draaien en dat 80 procent van de Intel chips nog steeds verscheept worden voor on premise gebruik. Techzine heeft deze cijfers niet kunnen verifiëren, maar on premise is wel degelijk heel groot. Dat Intel nog steeds bakken met chips verkoopt voor de on premise markt is ook een feit.

Volgens Kurian is de winnaar van de cloud uiteindelijk degene die bedrijven de meeste vrijheid kan bieden. Als je bedrijven de mogelijkheid kan geven om hun workloads te draaien op alle hardware en op alle virtualisatieplatformen, dan geef je ze de meeste vrijheid. Ze hoeven dan namelijk niet meer vooraf te bepalen wat ze waar gaan draaien. Of ze hun systemen in de cloud of on premise draaien. Er zijn ook veel sectoren die te maken hebben met strenge wetgeving. De bancaire sector is daar een goed voorbeeld van. Op dit moment mogen bepaalde workloads wel in de cloud draaien en andere weer niet. Het kan zomaar gebeuren dat er volgende maand een nieuwe regel komt, waardoor er minder workloads in de cloud mogen draaien.

Banken willen dan geen contractuele verplichting hebben met een cloud-provider. Voor hen is het het best als ze die workloads snel kunnen verplaatsen naar hun on premise-omgevingen, zodat ze voldoen aan de gestelde regels. Google Cloud gelooft dus niet in silo’s maar in een open cloud met keuzevrijheid. Dat betreft eveneens monitoring, security en compliance. “Laten we er een standaard van maken, dan wordt het veel eenvoudiger”, aldus Kurian.

Het web (HTML/Javascript/CSS) is ook een standaard geworden

Het klinkt nog een beetje onwerkelijk waar Kurian voor pleit, een open cloud, maar hij kijkt terug naar de jaren 90 en de beginjaren in 2000. Er waren toen diverse webbrowsers, Internet Explorer, Netscape, Firefox, Safari en later Google Chrome. Het grote probleem was destijds dat elke webbrowser zijn eigen definitie van HTML er op na hield. Webontwikkelaars moesten elke website optimaliseren voor alle verschillende browsers. Als webontwikkelaars terugdenken aan Internet Explorer 5 en 6 staat het huilen ze nader dan het lachen.

Uiteindelijk is het gelukt om één webstandaard te ontwikkelen waar de meeste browsers zich nu aan houden. Er is nog wel wat discussie over audio- en videocodecs, maar het ontwikkelen van een website is vele malen eenvoudiger geworden. Google heeft daar met Chrome een grote hand in gehad. Met de Chrome-browser heeft het bedrijf laten zien dat het beter en sneller kon. Uiteindelijk is iedereen overstag gegaan en is HTML5 nu gewoon een standaard, gecombineerd met Javascript en CSS.

Hetzelfde wil Google Cloud nu gaan doen met de hele multicloud en on premise wereld. Bedrijven moeten hun workloads overal kunnen draaien, zonder dat ze iets aan hoeven te passen.

Google Anthos en Google Cloud Functions zijn voorbeelden van open cloud

Tijdens Google Cloud Next zijn de eerste producten gepresenteerd die moeten gaan zorgen voor een open cloud en voor keuzevrijheid. Met Google Anthos heeft het bedrijf een verlengstuk gebouwd van Kubernetes. Met Google Anthos is het mogelijk om workloads te draaien in elke cloud of zelfs on premise. Als de cloudprovider een Kubernetes aanbod heeft kan er Anthos op gedraaid worden. Belangrijkste hierbij is dat de klant dus niks hoeft aan te passen aan zijn Anthos-container, die draait op elke omgeving. Tijdens de demo werd de Google Cloud getoond, maar ook Amazon Web Services. Daar kan je Anthos eveneens op draaien.

Het is een nieuwe benadering van multicloud, waarbij de klant onafhankelijk van de hardware en het virtualisatieplatform zijn workloads kan draaien. Met Anthos-migrate wordt het daarnaast mogelijk om bestaande VM’s te converteren naar een Anthos-container, zodat die direct kan worden uitgerold op elke gewenste omgeving. Kurian stelt dat hoe eenvoudiger de migratie naar de cloud is, de meer klanten je zal winnen. Daarom ligt er een grote focus op het goed ontwikkelen van Anthos-migrate, zodat alle soorten VM’s straks omgezet kunnen worden naar Anthos.

Google Cloud Functions is een open serverless platform gebaseerd op Anthos

Serverless is een andere technologie in de cloud die erg populair is maar voor meer lock-in zorgt. Met serverless is het mogelijk om bepaalde taken te automatiseren door middel van microservices. Dit kan iets heel simpels zijn, zoals het schalen van een afbeelding in vijf formaten, het renderren van een video in bepaalde formaten of het uitlezen van een Twitterfeed en daar machine learning op loslaten om de tekst beter te begrijpen. Wat deze microservices doen is een container opstarten, hun taak uitvoeren, het resultaat teruggeven aan de applicatie die de microservice aanroept en vervolgens de container weer vernietigen.

Dit soort microservices op basis van serverless-technologie zorgen ervoor dat ontwikkelaars veel sneller kunnen ontwikkelen. Ze hoeven zich niet meer bezig te houden met dit soort taken die toch wel tijdrovend zijn om te ontwikkelen, maar niet uitdagend of complex zijn om te ontwikkelen. Daarnaast blijft code van de applicatie ook veel schoner op deze manier. Veel cloudproviders hebben een groot serverless-platform dat grote populariteit geniet.

Google wil met Google Cloud Functions nu een open serverless-platform bieden, met microservices die werken via Anthos. Hierdoor kan de klant zijn serverless-platform dus overal draaien. Het maakt dan niet uit of het draait in Google Cloud, AWS, Azure of on premise. Als een cloudprovider om een of andere manier niet meer voldoet en een bedrijf wil overstappen, dan kan alles worden verplaatst. De applicaties hoeven niet aangepast te worden om met een andere cloud te werken.

Hiermee heeft Google Cloud nu de twee grootste pijnpunten van de multicloud aangepakt. Er is keuze in waar je je workloads wilt draaien en de afhankelijkheid (lock-in) van specifieke microservices op een cloudplatform neemt af.

Google Cloud investeert ook in database vrijheid

Er blijft dan nog één probleem overeind voor veel enterprise organisaties. Dat is de lock-in die ze hebben met hun databases. Veel grote bedrijven maken gebruik van Oracle-databases, jarenlang dé database voor enterprise applicaties. Oracle heeft dit volledig uitgemolken door steeds hogere licenties  te rekenen. Eigenlijk zijn er nog maar twee smaken over: een verouderde Oracle datawarehouse on premise draaien of een nieuwe Oracle Autonomous Datawarehouse in de Oracle Cloud draaien. Wil je die oude database draaien in een andere cloudomgeving, dan betaal je fors meer aan licentiekosten. Oracle is wat dat betreft een echte lock-in partij.

Amazon Web Services heeft enkele jaren geleden besloten om af te gaan van de Oracle Datawarehouse. Het heeft inmiddels meerdere databasetechnologieën ontworpen om een alternatief te bieden voor Oracle Datawarehouse. Het zou met succes zichzelf en menig klanten al grotendeels van Oracle af hebben gemigreerd.

Zowel Amazon als Google hebben nu alternatieven voor Oracle in hun portfolio. Amazon heeft Amazon RDS en Amazon Redshift, bij Google is dit Google Cloud SQL en Google Big Query. Waar de Oracle Datawarehouse goed is in het verwerken van veel verschillende soorten data, kiest Amazon ervoor om specialistische databasetechnologieën te ontwikkelen en aan te bieden. Google kiest nu voor een soortgelijke strategie. Tijdens Google Cloud Next heeft het een samenwerking bekendgemaakt met een hele rits aan open source-initiatieven, die geheel toevallig bestaat uit allemaal verschillende soorten database applicaties. Google Cloud-klanten kunnen deze applicaties direct bestellen en afrekenen bij Google. Daarnaast biedt Google eerste en tweede lijns support voor deze applicaties. Mocht het echt te ingewikkeld worden, dan verzorgt het bedrijf achter de applicatie ook nog derde lijns support. De makers van de applicaties krijgen een vergoeding, elke keer wanneer Google Cloud deze applicaties verkoopt. Op die manier kunnen de open source applicaties ook worden doorontwikkeld. Een echt goed businessmodel voor open source is er nog niet, maar dit zou weleens een goed begin kunnen zijn.

Een echt open source alternatief voor Oracle Datawarehouse zal er nooit komen. Maar als zowel Amazon als Google met een alternatief komen, dan is dat een goed begin voor meer keuzevrijheid.

Google kiest voor data transparantie en encryptie

Standaard wordt alle data in de Google Cloud versleuteld opgeslagen. Klanten kunnen hiervoor een persoonlijke sleutel gebruiken, zodat het zelfs voor Google niet meer mogelijk is om de data direct in te zien. Als er dan vanuit een overheid verzoeken komen om toegang of inzicht tot data, kan Google simpelweg doorverwijzen naar de klant, omdat het zonder die sleutel niets kan overleggen. Op die manier voldoet Google Cloud aan de wetgeving en is de klant altijd zelf verantwoordelijk en betrokken bij het opvragen van bedrijfsdata door overheden. De klant kan dit dan ook zelf aanvechten bij een rechter, indien het dat nodig acht.

Kurian liet weten dat Google Cloud nog een stap verder gaat met betrekking tot privacy en transparantie wie waar toegang tot heeft. Als een Google-engineer om wat voor reden dan ook toegang moet hebben tot een virtual machine of data van de klant, moet hiervoor eerst via een procedure toegang worden gevraagd. De klant moet hier expliciet toestemming voor geven. Ook wordt dan exact gelogd wie, wanneer en waar toegang toe heeft gehad. Zo is het voor de klant altijd duidelijk waarom een Google-engineer ergens aan heeft gewerkt. Dit is natuurlijk vrijwel altijd in opdracht van de klant, omdat die een supportticket heeft ingediend voor een probleem.

Het is niet zo dat bij alle calamiteiten Google nu eerst toestemming moet vragen. Voor het verplaatsen van een virtual machine van de ene fysieke server naar de andere, heeft een engineer geen toegang tot de data nodig. Dit kan automatisch worden gedaan met een live migratie traject. Mocht er iets niet goed werken na de migratie, bijvoorbeeld een applicatie lijkt niet op te starten, dan is er mogelijk wel toegang nodig. Dit gebeurt echter niet achter de rug van de klant om. Dit soort transparantie is nieuw in de cloudwereld. Bij Amazon en Azure bieden ze dit nog niet aan.

Google Cloud begint steeds meer vorm te krijgen en met de komst van Kurian zullen ook de grote organisaties zich meer aangesproken voelen. Het is nu afwachten of Google Cloud de groei kan versnellen.