Meer problemen voor Qualcomm door verbod op leveringen aan ZTE

Het lijkt er steeds meer op dat een handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten werkelijkheid gaat worden. Afgelopen maandag besloot het Amerikaanse handelsministerie om Amerikaanse bedrijven voor een periode van zeven jaar te verbieden om producten te verkopen aan ZTE. Nu blijkt dat ook vooral effect te hebben op het toch al geplaagde Qualcomm, dat een belangrijke leverancier van chips voor ZTE-telefoons is.

Dat meldt persbureau Reuters vandaag. De beslissing om leveringen aan ZTE te verbieden komt voort uit het feit dat het bedrijf een afspraak verbrak en illegaal goederen leverde aan Iran. Daar het bedrijf wereldwijd zo’n 46,4 miljoen telefoons verkocht vorig jaar, is dat vooral vervelend voor Qualcomm, dat ruwweg de helft van die toestellen van chips voorzag.

Half miljard dollar

De gemiddelde prijs per chip van Qualcomm bedraagt 25 dollar, waarmee het minstens een half miljard dollar aan omzet misloopt. Dat is problematisch, want het bedrijf heeft sowieso al te maken met teruglopende omzetten en moeilijkheden met de overname van het Nederlandse NXP (waar de Chinese overheid nog geen toestemming voor wil geven).

China wil vooral dat zijn eigen bedrijven, die ook chips maken, voordelen geven en de industrie stimuleren. Voor de Verenigde Staten was dat reden om tegelijk juist bepaalde Chinese technologiedeals te blokkeren. Maar China doet hetzelfde en dat leidt tot steeds nieuwe maatregelen die over en weer genomen worden.

Dat Qualcomm nu geen chips meer mag verkopen aan ZTE maakt het extra lastig. Het bedrijf verliest een belangrijke klant, rivalen krijgen nu kans om in het gat te stappen en vermoedelijk zal China wraak willen nemen op deze beslissing, waarbij Qualcomm met zijn plan om NXP over te nemen een makkelijk slachtoffer is.

Het stemt in elk geval niet tot optimism, want de aandelen van Qualcomm daalden gisteren met 1,7 procent in waarde.