‘Nederlanders erg zelfverzekerd over beveiliging persoonlijke gegevens’

Nederlanders hebben erg veel vertrouwen in de beveiliging van hun persoonlijke gegevens. Toch zou bijna de helft zich veiliger voelen als ze wisten wat ze kunnen doen om zichzelf en hun naasten online te beveiligen. Dat blijkt uit onderzoek van Palo Alto Networks.

Volgens het onderzoek van YouGov in opdracht van Palo Alto Networks onder ruim 10.000 respondenten in de EMEA-regio voelt de meerderheid van de Nederlanders zich veel zelfverzekerder dan het gemiddelde over de beveiliging van IoT-apparaten. 38 procent van de respondenten in de EMEA denkt dat de technologie van het IoT veilig is, tegenover 51 procent in Nederland.

Verder hebben Nederlanders veel vertrouwen in de beveiliging van hun persoonlijke gegevens, waar ze volgens 59 procent zelf verantwoordelijk voor moeten zijn. Volgens 56 procent is de internetprovider hier verantwoordelijk voor, volgens 44 procent moet de overheid hier een belangrijke rol in spelen.

70 procent stelt dat ze alles doen om het verlies van persoonlijke gegevens te voorkomen. 47 procent denkt echter zich nog veiliger te voelen als ze meer wisten over wat ze kunnen doen om zichzelf online te beschermen.

Beveiliging professionele gegevens

Toch blijkt er wel een kloof te zitten tussen wat mensen geloven en wat de feiten laten zien, stelt Chief Security Officer North & East-Europe Fred Streefland bij Palo Alto Networks. Zo blijkt 28 procent van de Nederlanders het onbeveiligde wifi-netwerk van bijvoorbeeld de camping of het hotel te gebruiken voor hun werktelefoon.

Probleem is echter dat deze netwerken voor iedereen toegankelijk zijn, waardoor ze ook aantrekkelijk zijn voor hackers. Hackers kunnen informatie die via de netwerken gedeeld wordt onderscheppen en misbruiken.

De beveiliging ingesteld door IT-afdelingen van organisaties om gegevens zoveel mogelijk te beschermen, werkt dan dus niet meer. Overigens zijn vrouwen iets voorzichtiger dan mannen. 23 procent van de Nederlandse vrouwen gebruikt openbare wifi-netwerken, tegenover 34 procent van de mannen.