iPhone-ontwikkelaar Craig Hockenberry, die eerder al een open brief stuurde aan Apple-topman Steve Jobs, doet dat nu opnieuw. Dit maal uit hij zijn bezorgdheid over de prijzenoorlog in de App Store, die volgens hem slecht is voor de kwaliteit van de applicaties en innovatie tegenwerkt.

Volgens Hockenberry prijzen de ontwikkelaars hun applicaties zo laag mogelijk om een favoriete plek in de App Store te kunnen bemachtigen. Hockenberry stelt dat deze snelle toename van, zoals hij ze noemt, ‘ringtone applicaties’ nadelig is voor ontwikkelaars als hij en ze tasten zijn business aan. Hockenberry is zelf ontwikkelaar van Frenzic en Twitterific, twee populaire iPhone-applicaties.

Als voorbeeld noemt hij dan ook deze twee applicaties. Hij geeft aan dat dit beide populaire applicaties zijn: Frenzic staat bijvoorbeeld in de ‘What’s Hot’-lijst van de App Store en Twitterific zowel in de ‘Top Paid’- en ‘Top Free’-lijsten. Het probleem zit ‘m volgens Hockenberry niet in de applicaties, maar in het financieren daarvan.

Hoewel ontwikkelaars vaak goede ideeën hebben ontbreekt het hen simpelweg aan de financiële ideeën om deze door te voeren. ‘In plaats daarvan werken we aan 0,99 cent titels die een beperkte levensduur en een brede populariteit hebben.’ Volgens hem zorgt het huidige marktklimaat er voor dat juist die goedkope applicaties het meest interessant zijn voor ontwikkelaars.

Goedkope projecten, die zo’n 80 duizend dollar aan ontwikkeling kosten, zijn volgens Hockenberry nog wel te doen. ‘Om quitte te spelen moeten we 115 duizend exemplaren verkopen. Niet onmogelijk met een goed concept en een aantal weken een goede plek in de hitlijsten.’ Heel anders wordt het volgens hem als je langdurige kostenintensieve projecten krijgt. Om daar quitte te spelen moet je veel verkopen. ‘Tenzij je een zeer populaire applicatie hebt, ga je niet enkele weken lang 10 of 15 duizend exemplaren per dag verkopen. Het risico is te groot.’

Om op z’n minst quitte te spelen met dergelijke applicaties moeten ontwikkelaars hun prijzen volgens Hockenberry wel verhogen. Dat maakt het echter weer lastiger om hoog in de lijsten te staan, je moet immers concurreren met veel goedkopere applicaties. ‘Dit is waarom we voor simpel en goedkoop gaan in plaats van complex en duur’, stelt Hockenberry.

Hockenberry onderstreept dat men niet bang is voor competitie, maar hij ziet liever een manier om beter te zijn dan concurrenten door kwaliteitsapplicaties te maken in plaats van de goedkoopste applicaties, die populairder zijn en van mindere kwaliteit. Hockenberry denkt dat het onder andere te wijten is aan het feit dat mensen slechts naar een screenshot van een applicatie kunnen kijken en daarmee de kwaliteit van een applicatie kunnen meten. ‘Een dollar is simpel te verkwisten door een applicatie te kopen die in iTunes geweldig lijkt maar eenmaal geïnstalleerd slecht werkt.’

Hockenberry maakt zich tot slot ook zorgen dat het lage prijspeil van het gros van de applicaties in de App Store innovatie tegen gaat werken. Als mensen massaal voor goedkope applicaties kiezen die verre van innovatief zijn waarom zou je als ontwikkelaar innoveren als je al vooraf weet dat de baten niet tegen de kosten op zullen weten. ‘Het zou mooi zijn als de ‘killer app’ voor de iPhone 99 cent kostte’, sluit Hockenberry af, ‘maar gezien de cijfers zie ik dat niet snel gebeuren.’