Doordat aanvallers met AI steeds snellere, grootschaligere en geavanceerdere cyberaanvallen kunnen uitvoeren, kunnen organisaties niet langer uitsluitend vertrouwen op Human-in-the-Loop (HITL) -processen of traditionele perimeter security. Organisaties moeten op een fundamenteel andere manier kijken naar cybersecurity, waarbij cyberweerbaarheid niet langer wordt beschouwd als een uitdaging die met één product, platform of een steeds hogere digitale muur rond de organisatie kan worden opgelost.
Hoewel preventie en detectie onverminderd belangrijk blijven, is dit niet langer voldoende om cyberweerbaar te zijn. Organisaties moeten zich daarom niet alleen de vraag stellen hoe ze aanvallen kunnen voorkomen of detecteren, maar vooral: wat gebeurt er wanneer deze security maatregelen toch worden omzeild?
Geïntegreerd ecosysteem
Cyberweerbaarheid wordt steeds meer een strategische aanpak, waarbij veel organisaties gebruikmaken van bijvoorbeeld het NIST Cybersecurity Framework (CSF) 2.0: een internationaal erkend framework van standaarden en best practices dat is ontwikkeld door het Amerikaanse National Institute of Standards and Technology. Dit raamwerk beschrijft een geïntegreerde aanpak waarin governance, identificatie, bescherming, detectie, respons en herstel samenkomen binnen één samenhangend operationeel model. Het is echter lastig om dit allemaal binnen één allesomvattend platform te realiseren. Cyberweerbaarheid vereist een geïntegreerd ecosysteem van gespecialiseerde leveranciers. Door hun expertise te combineren en dreigingsinformatie met elkaar te delen, kunnen organisaties betere beslissingen nemen en sneller en beter reageren op incidenten.
In de praktijk betekent dit dat je moet beginnen met een veilige basis. Immers, als de onderliggende omgeving zwak is, zijn alle andere security maatregelen minder effectief. Een veerkrachtige basis omvat sterke identiteitscontroles, beleid-gestuurde processen, compliance checks die menselijke fouten beperken en beveiligde herstelpunten die onveranderlijk en niet-wisbaar zijn. Belangrijk hierbij is dat deze basis zo moet zijn ontworpen dat de beveiligde backups niet kunnen worden gemanipuleerd, zelfs als een aanvaller verhoogde toegangsrechten verkrijgt.
Heeft een organisatie zo’n veilig datafundament, dan staat of valt veerkracht vervolgens met onderling gekoppelde detectietools. SOAR-tools (Security Orchestration, Automation and Response) blijven belangrijk, omdat ze dreigingssignalen van ruis scheiden en schadelijke activiteiten identificeren, waardoor organisaties snel actie kunnen ondernemen. De waarde van deze tools neemt aanzienlijk toe wanneer ze worden geïntegreerd in de data-omgeving zelf. Wanneer telemetrie binnen het bredere ecosysteem wordt gedeeld, kunnen organisaties dreigingen sneller correleren en automatisch beveiligde herstelpunten activeren wanneer verdachte acties zich voordoen.
Herstelmogelijkheid is een cruciaal onderdeel van veerkracht
Ook al nemen organisaties alle juiste stappen, dan moeten ze er toch vanuit gaan dat op zeker moment een aanval zal slagen. Veerkracht heeft niet alleen te maken met het vermogen om een inbreuk tegen te houden, maar ook hoe snel kritieke diensten na een incident veilig en met vertrouwen kunnen worden hersteld.
Herstel moet daarom worden beschouwd als een kerncapaciteit van de organisatie, niet als een back-end IT-proces. Een geïsoleerde herstelomgeving, die buiten het bereik van aanvallers wordt gehouden, biedt organisaties een veilige plek van waaruit ze kunnen herstellen. Het is belangrijk dat organisaties voorbereid zijn om deze herstelomgeving te gebruiken. Dit houdt ten eerste in dat ze inzicht hebben in de kritieke diensten van het bedrijf, evenals in de data en infrastructuur die deze diensten ondersteunen. Dit is in wezen de ‘Minimum Viable Company’. Het is daarnaast belangrijk om te beschikken over een getest herstelplan; het testen hiervan moet regelmatig plaatsvinden, zodat iedereen weet wat hij of zij moet doen en welke rol hij of zij vervult wanneer de druk hoog is. Deze stappen kunnen de kans op een ernstig incident met langdurige gevolgen voor de organisatie verkleinen.
Dit is ook de reden waarom de herstelsnelheid zo’n belangrijke maatstaf is geworden. Nu cybercriminelen steeds sneller een aanval kunnen uitvoeren of opschalen, kan het binnen enkele uren in plaats van dagen of weken herstellen van de bedrijfsvoering bepalen of de dreiging beheersbaar blijft of tot een groot incident leidt. De organisaties die het best voorbereid zijn, zijn de organisaties die al vóór het moment dat het nodig is de basis hebben gelegd voor een snel en geverifieerd herstel.
Voorbereiding is cruciaal voor cyberweerbaarheid
De implicatie voor IT-leiders is duidelijk. Cyberweerbaarheid betekent niet dat je op één platform moet vertrouwen om elke dreiging af te wenden. Het gaat om het opzetten van een geïntegreerd ecosysteem van security-, detectie-, governance- en herstelcapaciteiten die onder druk kunnen samenwerken. Want, zeker nu met AI, is de vraag niet óf verdedigingsmechanismen op de proef zullen worden gesteld, maar of de organisatie snel, grondig en met vertrouwen kan herstellen wanneer dat gebeurt.
Dit is een ingezonden bijdrage van Everpure. Via deze link vind je meer informatie over de mogelijkheden van het bedrijf.