Afgaande op hun eigen planning halen organisaties in 80 procent van de gevallen de doelstellingen voor de uitrol van AI-agents niet. Het zojuist gepubliceerde Customer Identity Trends Report voor 2026 van Okta legt de vinger op de zere plek bij deze vertraging. Slechts 38 procent onder consumenten is daadwerkelijk bereid om AI-agents beslissingen namens hen te laten nemen. Daarbij is de infrastructuur voor identiteit een belangrijke bottleneck vormt voor een succesvolle adoptie.
Okta heeft voor het rapport opdracht gegeven tot twee enquêtes, die beide in juli en augustus van dit jaar zijn uitgevoerd. Er werden 5.250 consumenten in zeven landen ondervraagd, waaronder de VS, het VK, Duitsland en Japan. Een andere enquête bestond uit 556 ontwikkelaars en 354 senior leidinggevenden in de gezondheidszorg, financiële dienstverlening, detailhandel en telecommunicatie.
De druk om AI te implementeren is duidelijk, wie je er ook naar vraagt in professionele kringen, zo blijkt. 52 procent van de senior leidinggevenden noemt AI een “onmisbare capaciteit” om de komende twee tot drie jaar te kunnen concurreren. Bijna een kwart, 23,2 procent, ziet concurrenten die van huis uit met AI werken als de grootste bedreiging voor hun bedrijf, op de tweede plaats na cyberbeveiliging en gegevensrisico’s (31,4 procent). Toch zegt slechts 20,3 procent van de respondenten dat ze AI-functies volgens hun beoogde tempo implementeren. Of dit duidt op onrealistische verwachtingen rond de implementatie of op onverwachte traagheid bij de daadwerkelijke uitrol, is niet helemaal duidelijk.
Leidinggevenden en ontwikkelaars zijn verdeeld
Hoe dan ook, de redenen voor de vertragingen variëren afhankelijk van wie de vragen hierover beantwoordt. 59 procent van de senior leidinggevenden wijt dit aan vermeende moeilijkheden bij het voldoen aan compliance-eisen, security review of governance. Onder ontwikkelaars noemt slechts 34,6 procent dit als de belangrijkste problemen. Ontwikkelaars gaven bijna twee keer zo vaak (17,8 versus 9,0 procent) aan dat hun identiteits- en authenticatie-infrastructuur “de toegangspatronen van agents niet kan ondersteunen”. Aangezien dit precies is wat Okta en andere identity security-vendoren trachten op te lossen, is er een softwareoplossing, maar deze is cultureel of technologisch gezien nog niet helemaal omarmd of benut.
Agent-authenticatie is hoe dan ook een probleem. Slechts 22,4 procent van de organisaties die agentcapaciteiten opbouwen, geeft elke agent een unieke identiteit met strikt afgebakende, tijdelijke inloggegevens. Anderen vertrouwen op gedeelde serviceaccounts of lang geldige API-sleutels (17,4 procent), nemen het token van de gebruiker over (11,5 procent) of coderen inloggegevens zelfs hard in de code (6,4 procent). Dit zijn om tal van redenen behoorlijk grote risico’s. Okta spreekt van vier faalmodi die bijna inherent zijn aan deze lukrake aanpak van agent-identiteiten. Dit zijn het toekennen van te ruime rechten, een grote ‘blast radius’, het ontbreken van gedragscontext en de wildgroei aan inloggegevens. De omvang van dit probleem is dus zowel veelzijdig als aanzienlijk. Volgens een onderzoek van Forcepoint zijn er al 45 tot 144 keer meer niet-menselijke identiteiten dan menselijke; het probleem wordt steeds groter zonder de juiste governance.
Consumenten willen inspraak blijven houden
Aan de consumentenkant zegt 52 procent dat AI in apps en websites te snel evolueert. 38 procent zou AI binnen twee jaar enige beslissingsbevoegdheid toekennen, maar slechts 6 procent wil dat AI volledig autonoom handelt. Voor taken met een laag risico laat een meerderheid AI handelen, mits ze de actie eerst kunnen goedkeuren of achteraf ongedaan kunnen maken.
74 procent van de consumenten zou waarschijnlijk een website verlaten die eist dat er een account wordt aangemaakt voordat prijzen of beoordelingen worden getoond. 93 procent koppelt vertrouwen aan sterke beveiliging die de toegang niet bemoeilijkt.
Agentische controle
Het is geen verrassing dat het rapport stelt dat organisaties die uitsluitend een extern CIAM-platform (zoals dat van Okta) gebruiken, het beter doen. 34,4 procent van hen heeft AI-functies volledig in productie, vergeleken met 22,3 procent bij andere organisaties. 28,3 procent ligt op schema, tegenover 18,1 procent.
Okta werkt al enige tijd aan de integratie van agentidentiteit naast accounts van menselijke medewerkers en die voor machines. Eerder dit jaar lanceerde het een platform om AI-agents te beveiligen, waarbij deze worden geregistreerd in Universal Directory en hun verbindingen via een Agent Gateway worden geleid. Samen met Google Cloud koppelt het identiteit aan AI-agents, inclusief workflows voor gevoelige acties. Okta heeft ook met de overname van Permiso een identity graph toegevoegd. Daarnaast werkt het eraan om de securitymaatregelen voor agent-identiteiten op vele gebieden aan te scherpen, onder meer door deze agents proactief op te sporen.