Europa telt veel quantumstart-ups, maar die versnippering dreigt de internationale concurrentiepositie in de weg te zitten. De Europese Commissie ziet daarom ruimte voor consolidatie. De geplande Quantum Act moet samenwerking en schaalvergroting stimuleren, maar krijgt geen eigen budget.
Dat meldt TNW. Thomas Skordas, adjunct-directeur-generaal van DG CNECT bij de Europese Commissie, sprak zich tijdens een bijeenkomst in het Europees Parlement opvallend duidelijk uit over de structuur van de Europese quantumsector. Volgens hem kan Europa zich niet veroorloven dat 78 start-ups allemaal zelfstandig blijven opereren.
Daarbij wees hij op het verschil met de Verenigde Staten, waar grote technologiebedrijven als Microsoft, Google en IBM over de financiële middelen en infrastructuur beschikken om op grote schaal in quantumcomputing te investeren. Europa wil volgens Skordas concurrentie behouden, maar zal tegelijkertijd „op enig moment enige consolidatie” nodig hebben.
Quantum Act zonder eigen geld
De Europese Commissie werkt momenteel aan een Quantum Act, die naar verwachting eind 2026 wordt gepresenteerd. Uitstel tot 2027 is echter mogelijk. Anders dan bijvoorbeeld de AI Act moet de nieuwe wet volgens Skordas niet primair regels en verplichtingen opleggen. Het gaat eerder om een kader waarmee de Europese quantumsector beter kan samenwerken.
Een afzonderlijk Europees budget komt er niet bij. „De wet draait niet om budget”, aldus Skordas. Het doel is volgens hem vooral partijen bij elkaar te brengen en de ontwikkeling van de sector in dezelfde richting te sturen.
Dat is relevant omdat Europese investeringen en kennis momenteel over verschillende landen, bedrijven en technische benaderingen zijn verdeeld. Europa brengt daardoor veel onderzoek en prototypes voort, maar beschikt over minder ondernemingen die groot genoeg zijn om bijvoorbeeld zelfstandig productiecapaciteit op te bouwen.
Tommaso Calarco, secretaris van de Europese adviesraad voor quantumtechnologie, vat de benodigde aanpak samen als het creëren van „kritische massa”. Daarvoor zijn volgens hem geld, snelheid en samenwerking nodig. Vooral dat laatste blijft een probleem: lidstaten zouden hun middelen nog onvoldoende gezamenlijk en strategisch inzetten.
Sterke positie in componenten
Tegelijkertijd begint Europa niet vanaf nul. Volgens Cecile Perrault, directeur van het European Quantum Industry Consortium, wordt ongeveer 80 procent van de componenten in Europese quantumcomputers ook in Europa geproduceerd. Daarmee heeft de regio volgens haar een sterkere uitgangspositie dan bij veel andere digitale technologieën.
Ook ontstaat nieuwe productiecapaciteit. Zo bouwt de Novo Nordisk Foundation in Kopenhagen een open productiefaciliteit voor quantumchips. Daarmee loopt de markt deels vooruit op wat Brussel met de Quantum Act wil bereiken.
De Commissie wil quantumtechnologie bovendien nadrukkelijk verbinden met andere sectoren. Skordas noemt onder meer halfgeleiders, fotonica, cloudinfrastructuur en eindgebruikers. Door die gebieden beter aan elkaar te koppelen, moet quantumcomputing uiteindelijk uit de onderzoeksomgeving komen en onderdeel worden van een bredere Europese technologiesector.
De precieze invulling van de Quantum Act is nog niet bekend. Er ligt nog geen ontwerptekst en evenmin is duidelijk met welke instrumenten Brussel samenwerking en consolidatie tussen quantumbedrijven wil bevorderen.