Opnieuw heeft Edward Snowden van zich laten horen via The New York Times, de klokkenluider heeft opnieuw documenten openbaar gemaakt. Ditmaal gaat het over backdoors in de routers van Huawei. De Amerikaanse inlichtingendienst NSA heeft ingebroken in de servers van het Chinese bedrijf, om te onderzoeken of er een verband is tussen de Chinese overheid en de fabrikant. En passant werden ook backdoors in de netwerksoftware geplaatst.

De Verenigde Staten betichten de Chinese fabrikant Huawei ervan nauwe banden te hebben met de Chinese overheid en diens spionagediensten. Om die reden mag Huawei geen zaken meer doen in de VS, maar ook is andere landen aangeraden Huawei eveneens te verbannen. Nu blijkt echter uit de documenten van Edward Snowden dat niet de Chinese overheid, maar de Amerikaanse overheid backdoors heeft geplaatst in de netwerksoftware van Huawei.

De NSA zou in 2010 hebben willen onderzoeken wat de banden zijn tussen Huawei en de spionagediensten van de Chinese overheid. Daartoe werden verschillende servers van Huawei gehackt, op zoek naar bewijzen. De NSA ging echter een stap verder door de software die op de servers stond, bestemd voor de netwerkproducten van Huawei, aan te passen en te voorzien van backdoors. Huawei voorziet wereldwijd grofweg eenderde van de netwerken van hardware en mogelijk is de NSA dus in staat om daarop in te tappen, waardoor ze wereldwijd toegang hebben tot flink wat netwerken.

Officieel is er nooit een link aangetoond tussen de fabrikant en de Chinese spionagediensten, dit is zelfs bevestigd door een rapport van de Amerikaanse overheid. Maar Huawei werd samen met ZTE, een andere Chinese fabrikant, alsnog verbannen uit de VS. China deed vervolgens hetzelfde door het Amerikaanse Cisco te verbannen uit China.