De hack op Sony Pictures wordt door Noord-Korea bejubeld, maar het land is er niet bij betrokken geweest, zo meldt een woordvoerder tegenover The New York Times. De hackers bemachtigden veel waardevolle gegevens van Sony Pictures, waaronder wachtwoorden en films die nog in de bioscoop moeten belanden.

De woordvoerder heeft geen idee waarom Sony Pictures het enige slachtoffer is van de hack. Maar, "de hack zou een rechtvaardige daad van de aanhangers en sympathisanten van Noord-Korea kunnen zijn." De hackers zouden een eind willen aan het imperialisme van de Verenigde Staten, wordt nog benadrukt.

Sony’s filmafdeling Sony Pictures is hard geraakt door de hack. Werknemers konden lange tijd niet meer inloggen op de systemen van het bedrijf, nieuwe hoogwaardige films werden op het internet geplaatst als download en wachtwoorden van allerlei Sony-accounts werden bemachtigd. Inmiddels worden ook de gezinnen van medewerkers bedreigd.

Er zijn verschillende aanwijzigingen die op betrokkenheid van Noord-Korea duiden. Zo is de gebruikte code in het Koreaans geschreven en werd vrijwel dezelfde code ook gebruikt bij een grote hack op Zuid-Koreaanse instanties. Die hack zou natuurlijk net zo goed door Koreaanse aanhangers kunnen zijn uitgevoerd.

Noord-Korea heeft bovendien een motief: Sony Pictures wilde een film genaamd The Interview uitbrengen, waarin de hoofdpersonen het doel krijgen om de Noord-Koreaanse president om zeep te helpen. Noord-Korea heeft al meermaals benadrukt dat de film gezien wordt als een oorlogsdaad en een terroristische daad, die de waardigheid van het leiderschap aantast.