11min Analytics

Klarrio leunt op open source expertise voor bouwen foundational data platforms

Klarrio leunt op open source expertise voor bouwen foundational data platforms

Het Belgische Klarrio onderscheidt zich als platform engineering-partij in een concurrerende markt. Met behulp van open source-technologie bouwt het voor klanten volledige dataplatformen. De core van het team werkt al meer dan 25 jaar in open source, van de eerste ADSL-modems tot moderne cloud-native oplossingen. We spraken met CEO Kurt Jonckheer en CPO Dirk Van de Poel over hoe die ervaring vandaag waarde creëert.

Klarrio werkt vrijwel uitsluitend met open source technologie, maar niet door simpelweg tools van de plank te pakken. Het bedrijf focust op wat Jonckheer omschrijft als de fundering voor data. “Wij bouwen alles wat in de kelder steekt. Al de nieuwe leidingen, al de elektriciteit. Alles wat je in essentie nodig hebt om een fundament te creëren dat solide is.”

Klarrio is niet een standaard system integrator, maar een architect en bouwer van het fundament. Als datagedreven organisatie kom je doorgaans terecht bij Klarrio wanneer je tegen complexiteit en explosief stijgende kosten aanloopt. Via platform engineering bouwt men dan de onderlaag voor data, met focus op integraties, platformarchitectuur, datastromen, security, governance en schaalbaarheid. De klant blijft wel zelf werk rond analytics, dashboards en data science uitvoeren. Klarrio zorgt ervoor dat de data-infrastructuur waarop die toepassingen draaien robuust, toekomstbestendig en controleerbaar is. 

Het vereist behoorlijk wat werk om zo’n platform te bouwen. Natuurlijk zijn er met open source behoorlijk wat componenten die enorm goed zijn en waar je een eind mee komt. Ze moeten echter wel op elkaar afgestemd zijn en compliant gemaakt worden aan de security-eisen van de klant. “Als je bij wijze van spreken open source direct inzet, dan voldoet het niet aan de eisen die de CISO of lokale wetgeving dicteert”, legt Jonckheer uit. “Het moet compliant gemaakt worden en gecheckt worden op security.”

Bouwen tussen bestaande systemen

Klanten van Klarrio hebben vrijwel altijd bestaande systemen en platformen. Denk aan CRM-systemen, ERP-oplossingen, cloudplatformen en legacy-omgevingen die het startpunt vormen voor het draaiend houden van de business. Daartussen bouwt Klarrio de datalaag die integratie, verwerking en ontsluiting mogelijk maakt. Wanneer een bedrijf bijvoorbeeld Salesforce gebruikt voor CRM en meer analytics wil loslaten op die CRM-data, dan moet die informatie naar een dataplatform. “Dat zijn de zaken die wij voor de klant kunnen regelen”, bevestigt Jonckheer.

In sommige gevallen betekent dit het vervangen van bestaande platforms als Snowflake of Databricks. In andere gevallen fungeert het te bouwen platform als een systeem dat data voorbereidt voordat het naar een van de bestaande platformen gaat. Het systeem dat Klarrio dan bouwt doet de datavoorbereiding, filtering of anonimisering voordat deze wordt doorgezet naar commerciële analytics-omgevingen. Daarmee creëer je controle over datastromen zonder afhankelijkheid van specifieke platformleveranciers. ”Misschien kan je de gevoeligheden eerst uit de data halen en met een kleinere dataset in een ander dataplatform aan de slag gaan”, legt Van de Poel uit.

Klarrio als platformbouwer

Eigenlijk elk bedrijf dat met een bepaald probleem te maken krijgt rond cloud en data, kan bij Klarrio uitkomen. Organisaties lopen op een bepaald punt binnen hun data- en cloudreis tegen beperkingen aan. Die beperkingen zullen we wat later in dit artikel bespreken. De bedrijven zijn hoe dan ook op een punt gekomen om hun omgeving te herontwerpen en om bepaalde componenten te verwijderen of vervangen. Klarrio brengt eerst goed in kaart hoe het huidige landschap van de organisatie eruitziet en bepaalt dan wat de beste route is richting een nieuwe architectuur. 

Daarna bouwt Klarrio het complete dataplatform op maat, met open source-technologie als fundament. Niet door tools simpelweg te implementeren, maar door fundamentele architecturen te ontwerpen en te bouwen. De rol van Klarrio ligt zoals in het begin gezegd nadrukkelijk onder de applicatielaag. “Wij zorgen dat data op een gecontroleerde, veilige en efficiënte manier beschikbaar komt voor de teams van de klant”, aldus Jonckheer.

Dat betekent ook dat open source niet plug-and-play wordt toegepast. Security, compliance en governance worden structureel ingebouwd. Open source componenten worden aangepast aan lokale regelgeving, interne security-eisen en organisatorische processen. Het platform wordt onderdeel van de bedrijfsarchitectuur, niet een losstaande technische laag.

De grote tekst luidt "Building Tomorrow's Data Foundations" op een achtergrond van geclusterde witte bollen, met kleinere tekst die schaalbare, flexibele dataplatforms en -services beschrijft.

25 jaar technische discipline

Jonckheer legt uit dat Klarrio in zijn aanpak uniek is, doordat de wortels van Klarrio echt in software engineering liggen. Het kernteam bouwde in het verleden embedded software, firmware en netwerkinfrastructuur voor telecomomgevingen. Door die achtergrond is er een cultuur van efficiënt programmeren, resourcebewust ontwerpen en technische discipline.

De principes zijn volgens Jonckheer direct relevant in moderne cloudomgevingen. Inefficiëntie vertaalt zich daar direct naar kosten. Architectuurfouten worden zichtbaar in verbruikspieken, schaalproblemen en budgetoverschrijdingen. Door die discipline structureel te verankeren in het ontwikkelproces, blijft schaalbaarheid beheersbaar. Doordat men 25 jaar expertise heeft, is efficiënt programmeren logisch. Dat principe vanuit het embedded-tijdperk heeft directe waarde in de cloud. “Als je die basisprincipes niet hanteert of herkent en je hebt geen kennis over een buffer of register, dan schiet je de hoogte in met de kosten”, zegt Jonckheer.

De kennis wordt actief doorgegeven via mentorschap, interne opleidingen en pairing-structuren. Nieuwe Klarrio-medewerkers profiteren van de ervaring van het kernteam van Klarrio, zodat zij ook een hoog niveau aantikken. Plus, kennisoverdracht aan de klant is onderdeel van het bedrijfsmodel. Er dient wel een bepaalde vorm van volwassenheid bij een klant te zijn, maar Klarrio ziet het altijd als taak van een project om de kennis van een klant bij te spijkeren. Op die manier wordt een klant vanaf het begin veel beter klaargestoomd voor het beheren van het platform.

Principiële keuzes

Klarrio hanteert binnen wat het wil bereiken met platform engineering duidelijke uitgangspunten. Alle ontwikkelde code is intellectueel eigendom van de klant. Het bedrijf creëert bewust geen afhankelijkheidsrelaties. Transparantie, overdraagbaarheid en controle staan centraal.

Echter, niet alle opdrachten worden aangenomen. Technologiekeuzes die niet toekomstbestendig zijn, strategisch onhoudbare architecturen of ethisch gevoelige projecten worden bewust vermeden. Die principiële houding beperkt groei op korte termijn, maar versterkt volgens Jonckheer de langetermijnpositie van het bedrijf.

Door het dak

Jonckheer ziet dat de nood voor een dergelijke aanpak vroeg of laat bij tal van organisaties ontstaat. Een cloud- of datatraject begint doorgaans met een beperkte scope, met een pilot, een proof-of-concept en een kleine gebruikersgroep. In die fase lijken kosten beheersbaar en complexiteit overzichtelijk. Maar zodra toepassingen organisatiebreed worden uitgerold, groeit het verbruik exponentieel. Dat geldt voor opslag en rekenkracht, alsmede voor aanvullende diensten, integraties en platformcomponenten. “Wat begint met tien of twintig gebruikers, wordt al snel een organisatiebreed platformprobleem”, schetst Jonckheer. “En op dat moment schieten de kosten vaak door het dak.”

Die dynamiek is volgens Van de Poel geen incident. Het is een structureel gevolg van hoe cloudarchitecturen vandaag worden opgebouwd: gefragmenteerd, tool-gedreven en zonder langetermijnontwerp.

Complexiteit een structureel probleem

De kern van het probleem, aldus Jonckheer, ligt naast cloudprijzen in de complexiteit van moderne cloudarchitecturen. Organisaties krijgen te maken met verschillende bouwstenen. Denk aan data lakes, data warehouses, streaming platforms, message layers, API-gateways, protocol adapters en analytics-omgevingen. Elk component heeft zijn eigen kostenmodel, schaalmechanisme en afhankelijkheden. Zonder diep inzicht in datastromen, workloads en gebruikspatronen wordt kostenbeheersing al snel een theoretische exercitie.

Daar komt bij dat veel IT-afdelingen structureel belast zijn met operationele legacyvraagstukken. Een groot deel van de capaciteit gaat op aan onderhoud, beheer en incidentafhandeling. De ruimte om diepgaande architectuurkeuzes te maken of complexe cloudmodellen te doorgronden is beperkt. Forecasting van cloudkosten wordt daardoor vaak een best effort-benadering in plaats van een onderbouwde berekening. “Bedrijven lopen dan onvermijdelijk tegen de vraag aan: hebben we hiervoor de juiste skills in huis?” zegt Jonckheer.

Ook de afhankelijkheid van prijsmodellen van cloudproviders speelt hierin een rol. De leveranciers voeren prijswijzigingen en nieuwe tariefstructuren door en verbruiksmodellen veranderen. Klanten hebben daar nauwelijks invloed op. In combinatie met consumptiegedreven SaaS- en PaaS-diensten ontstaat een kostenstructuur die steeds minder voorspelbaar wordt. “In wezen geef je je eigen chequeboek uit handen”, gelooft Jonckheer.

Valkuil van lift-and-shift

Een veelvoorkomende reactie op digitaliseringsprojecten is de lift-and-shiftaanpak. Hierbij worden bestaande infrastructuren één-op-één naar de cloud verplaatst, zonder fundamentele herontwerpkeuzes. Legacy-architecturen blijven intact, maar draaien nu op cloudplatformen. In plaats van vereenvoudiging ontstaat fragmentatie. Dat wil zeggen, meerdere platformen, leveranciers, kostenmodellen en beheerlagen bestaan naast elkaar.

De data van bedrijven is verspreid over verschillende systemen. De gegevens bevinden zich in het CRM-pakket, de ERP-omgeving, maar ook in cloudapplicaties en interne databases. Daarbovenop komt dat elk platform om zijn eigen integraties, governance-structuren en securitymaatregelen vraagt. Het overzicht verdwijnt, terwijl de dependencies toenemen. In plaats van flexibiliteit ontstaat er juist complexiteit. Volgens Jonckheer leidt dit tot financiële overschrijdingen en bestuurbaarheidsproblemen.

Daarom pleiten hij en Van de Poel voor fundamentele vragen aan het begin van elk cloudtraject. “Waar moet een cloudomgeving aan voldoen op het gebied van governance en soevereiniteit? En welke rol krijgt de cloud in de totale architectuur? Gaat het uitsluitend om infrastructuur, of worden ook kernfunctionaliteiten afhankelijk van SaaS- en PaaS-diensten?”, zijn een aantal vragen die de heren stellen. De antwoorden bepalen in hoge mate de toekomstige wendbaarheid van een organisatie.

Core business vraagt om regie

Uiteindelijk is niet elke workload geschikt voor volledige uitbesteding aan cloudplatformen. Zeker wanneer het gaat om kernprocessen, intellectueel eigendom of strategische data-assets, wordt afhankelijkheid een risico. Jonckheer stelt dat organisaties zich expliciet moeten afvragen welke onderdelen van hun IT-landschap tot de kern van hun business behoren en welke niet.

Wanneer analytics, datamodellen of algoritmes directe waarde creëren voor de organisatie, zijn ze een vorm van intellectueel eigendom. In die gevallen is het niet vanzelfsprekend om de logica volledig te verankeren in propriëtaire diensten van externe platformen. Ook bij gevoelige data en strikte latency-eisen spelen vergelijkbare afwegingen. Hoeveel controle wil een organisatie behouden over haar digitale fundament?

Hier komt open source als architectuurprincipe in beeld. Door applicaties en platformcomponenten te bouwen op open standaarden en open source-technologie, ontstaat infrastructuur-onafhankelijkheid. De softwarelaag wordt losgekoppeld van de onderliggende infrastructuurlaag. Daardoor ontstaat flexibiliteit om workloads te verplaatsen, zonder herbouw van de volledige applicatiearchitectuur.

Open source als structurele exitstrategie

Volgens Jonckheer is open source bij uitstek de juiste keuze voor het adresseren van datasoevereiniteitszorgen. Het biedt bedrijven een structurele exitstrategie die ze nodig hebben. Door propriëtaire software die diep verweven is met één platform te vermijden, behouden organisaties hun wendbaarheid. De infrastructuurlaag wordt een commodity. Zaken rond virtuele machines, storage en netwerkfunctionaliteit zijn te regelen via verschillende aanbieders.

Daarmee verschuift het kostenmodel ook. Investeringen in softwareontwikkeling worden capex-gedreven en planbaar. Infrastructuurkosten blijven variabel, maar zijn beter beheersbaar doordat de software niet afhankelijk is van specifieke cloudservices. Die scheiding maakt langetermijnplanning mogelijk.

Tegelijkertijd waarschuwt Jonckheer dat open source op zichzelf geen soevereiniteit garandeert. Open source software kan net zo goed draaien op niet-Europese infrastructuur. Een juridische kader als de Cloud Act maakt duidelijk dat datatoegang niet alleen een technisch, maar ook een geopolitiek vraagstuk is. Werkelijke datasoevereiniteit vraagt volgens Jonckheer om een combinatie van open source én Europese infrastructuur of eigen omgevingen.

Hybride architectuur een realistisch model

De praktijk vraagt om nuance. Niet alles hoeft on-premises; niet alles hoeft in de cloud. De realiteit is hybride. Bepaalde workloads profiteren van schaalbaarheid en flexibiliteit van publieke cloudplatformen. Andere onderdelen vereisen lokale controle, juridische zekerheid of architecturale autonomie.

Jonckheer pleit daarom voor hybride architecturen waarin kerncomponenten in eigen beheer blijven, terwijl minder kritische workloads flexibel kunnen worden uitgerold. Die aanpak vraagt om ontwerpkeuzes op platformniveau, niet op projectniveau. Architectuur wordt een strategisch instrument in plaats van een technische randvoorwaarde.

Control your own destiny

De kernfilosofie van Klarrio is bij de problematiek en hoe die wordt opgelost via platform engineering samen te vatten in één principe: control your own destiny. “Behoud je kernexpertise intern. Vandaag de dag is alles software gedreven, zelfs in het kleinste apparaat zit een stukje software. Dus je kan niet meer zeggen dat je geen technologiebedrijf bent. Software moet je omarmen, niet per se alles, maar wel de kern”, aldus Jonckheer. Organisaties moeten die digitale kern beheersen, ook wanneer ze gebruikmaken van externe platformen en diensten.

Door open source, hybride architecturen en platformdenken te combineren, ontstaat een model waarin organisaties flexibiliteit behouden zonder afhankelijkheid. Niet door technologie te mijden, maar door haar strategisch te positioneren.

De expertise die Klarrio door de jaren heen heeft opgebouwd, vormt daarin een fundament. Het zit in ontwerpkeuzes, ontwikkelprocessen, architectuurprincipes en organisatiecultuur. Volgens Jonckheer is dat geen eigenschap die snel te kopiëren is. “Het zit in het DNA van het bedrijf. In hoe we denken, ontwerpen en bouwen.” Daarmee positioneert Klarrio zich als bouwer van digitale fundamenten. Funderingen waarop organisaties hun eigen data-economie kunnen bouwen, zonder de controle uit handen te geven.

Tip: Wat is nu precies een data warehouse, data lake en lakehouse?