Atos’ netwerkarchitectuur is vernieuwd. Telindus en Eurofiber droegen zorg voor de verbinding van meerdere Atos-datacenters. De partners maken een succesvolle projectafronding bekend.

Atos beheert en benut eigen datacenters om uiteenlopende diensten te verlenen. Voorbeelden zijn high performance computing (HPC), analytics op basis van AI, cloud security en de hosting van digitale werkplekken. De organisatie stelt dat stijgend netwerkverkeer en een groeiende behoefte aan bandbreedte aanspoorde tot de vraag naar een optimalisering van eigen datacenters. Telecomorganisatie Eurofiber en infrastructuurarchitect Telindus werden aangesteld om in een antwoord te voorzien. Nu maakt het tweetal een succesvolle projectafronding bekend.

De methode

Eurofiber en Telindus verbonden Atos’ datacenters met glasvezelverbindingen van 40G (gigabit per seconde) en 100G. Dergelijke snelheden zijn niet uniek, maar meer dan voldoende om workloads tussen datacenters te verdelen op een tempo dat aan de hybrid- en multicloud-norm van het moment voldoet. Het is dan ook aannemelijk dat Atos de nieuwe infrastructuur benut om de workloads van klanten optimaal over haar hardware te verdelen, onafhankelijk van tijd en plaats.

Groener

Eurofiber en Telindus melden dat Data Center Interconnectivity-technologie (DCI) het beheer van verkeer op de glasvezelverbindingen faciliteert. DCI is een breed begrip – en kan doelen op een scala aan technologieën voor de verbinding van een of meerdere datacenters. Hoewel de organisaties niet specificeren welke oplossingen er zijn gebruikt, stelt een woordvoerder dat deze oplossingen relatief weinig stroom verbruikten, “wat de duurzaamheid in het datacenter ten goede komt.”

Joris Leupen, directeur van Telindus, vult aan: “We stellen Atos in staat om betere prestaties te leveren, zonder dat de carbon footprint toeneemt. In tegendeel: het stroomverbruik in de omgeving neemt af.”

Tip: Slagvaardig door een flexibele infrastructuur