De nieuwe Cubaanse regering, onder de leiding van Raul Castro, heeft bekendgemaakt dat elke Cubaan vanaf nu een mobieltje mag aankopen. Dat was voordien enkel weggelegd voor mensen die werken voor een buitenlands bedrijf of een hoge positie bekleden bij de communistische overheid.

Sommige Cubanen ontdoken het verbod al door buitenlanders een contract te laten aangaan in hun plaats, maar toch had het mobieltje nog lang niet zo’n belangrijke plaats ingenomen als in de rest van Latijns-Amerika. Uit een decreet dat het Cubaanse telecombedrijf ETECSA publiceerde, blijkt dat Cubanen voor een prepaid account moeten betalen met ‘convertible peso’s’: een munteenheid die ingevoerd is voor toeristen en die 24 keer de waarde heeft van een ‘gewone’ peso.

Hierdoor zal een mobieltje veel te duur zijn voor een gewone Cubaan, maar het telecombedrijf verweert zich door te zeggen dat het geld nodig is voor het verbeteren van het huidige kabelsysteem en om het systeem later te kunnen aanbieden in gewone peso’s.