SAP voert wereldwijd ingrijpende wijzigingen door in de voorwaarden voor onderhoud en ondersteuning van zijn on-premises software. De softwareleverancier doet dat na een mededingingsonderzoek van de Europese Commissie. Voor organisaties die SAP gebruiken betekent dit dat zij meer vrijheid krijgen om onderhoud door andere partijen te laten uitvoeren en hun licentie- en supportcontracten flexibeler kunnen inrichten.
De Europese Commissie startte het onderzoek in september 2025. Brussel vermoedde dat SAP klanten onnodig belemmerde om over te stappen naar onafhankelijke aanbieders van onderhoud en support voor on-premises software. Door bindende toezeggingen van SAP wordt de zaak nu afgesloten, waardoor een mogelijke Europese boete van de baan is.
Volgens de Europese Commissie krijgen klanten hierdoor meer keuzevrijheid en verdwijnen contractuele beperkingen die de overstap naar alternatieve onderhoudsleveranciers bemoeilijkten en de kosten konden verhogen.
SAP voert de nieuwe voorwaarden wereldwijd in en houdt deze de komende tien jaar in stand. De afspraken omvatten onder meer een alternatieve methode voor de berekening van licentievergoedingen, waarop ook de onderhouds- en supportkosten zijn gebaseerd. Daarnaast schrapt SAP de kosten voor het opnieuw activeren van een eerder beëindigd onderhoudscontract en verlaagt het de achterstallige onderhoudskosten voor klanten die terugkeren.
Volgens SAP moeten de wijzigingen klanten die complexe on-premises omgevingen beheren meer duidelijkheid, keuzevrijheid en zekerheid bieden.
Meer strategische ruimte voor CIO’s
De impact reikt verder dan de juridische afwikkeling van het Europese onderzoek. Volgens de Duitstalige SAP-gebruikersvereniging DSAG krijgen organisaties die hun ERP-landschap on-premises blijven draaien aanzienlijk meer ruimte om hun supportstrategie zelf vorm te geven. Zij kunnen volgens ComputerWoche verschillende delen van hun SAP-omgeving door verschillende leveranciers laten ondersteunen en eenvoudiger afscheid nemen van onderhoud voor software die niet langer wordt gebruikt.
Volgens de DSAG verandert daarmee vooral de strategische positie van CIO’s. Organisaties hoeven minder snel te kiezen tussen volledig meegaan in SAP’s cloudstrategie of vasthouden aan hun bestaande omgeving. Zij kunnen hun huidige ERP-systemen langer in gebruik houden, terwijl zij tegelijkertijd gericht cloudfunctionaliteit toevoegen of voor delen van hun omgeving een alternatieve onderhoudspartner inzetten.
De gebruikersvereniging verwacht niet dat bedrijven daardoor massaal afscheid zullen nemen van SAP. Wel worden de keuzes complexer. CIO’s zullen per applicatie en bedrijfsproces moeten bepalen waar de innovaties van SAP’s cloudplatform voldoende meerwaarde bieden en waar het aantrekkelijker is bestaande systemen langer te behouden. De nieuwe afspraken vergroten daarmee de onderhandelingsruimte voor klanten, maar maken een duidelijke langetermijnvisie op de ERP-omgeving belangrijker dan ooit.