Op de Universiteit van Washington hebben onderzoekers een methode ontwikkeld waarmee simpele gadgets kunnen communiceren via WiFi zonder stroomtoevoer, batterijen of accu. Deze gadgets halen hun stroom uit de WiFi, televisie, radio en gsm-signalen die zich al in de lucht bevinden.

De uitvinding van de onderzoekers van de Universiteit van Washington kan ervoor zorgen dat de Internet of Things straks nog sneller werkelijkheid wordt. Er zijn veel toepassingen te bedenken voor simpele gadgets die alleen informatie doorgeven aan een centrale. Een slimme thermostaat kan op dit moment alleen maar de temperatuur meten op de locatie waar deze is bevestigd. Met deze technologie zou elke kamer kunnen worden voorzien van een sensor die vervolgens rapporteert aan de thermostaat.

Andere sensoren die baat kunnen hebben bij deze technologie zijn bewegingsdetectoren, versnellingsmeters, stopcontacten en lichtschakelaars.

Onderzoekers proberen al jaren energie op te wekken uit radiosignalen die in de lucht hangen, maar dat heeft tot op heden nooit voldoende stroom opgeleverd voor serieuze toepassingen. Met de radiosignalen kan maximaal een stroomcircuit worden opgezet met een extreem laag verbruik. Actief communiceren via WiFi is dan ook niet mogelijk. De onderzoekers hebben een methode ontwikkeld waarbij ze bestaande signalen weten te hergebruiken, waardoor er toch een signaal kan worden doorgegeven.

De onderzoekers gaan proberen om de techniek verder door te ontwikkelen zodat die ook via bijvoorbeeld Bluetooth kan werken. Op dit moment heeft de techniek een bereik van ongeveer 65 centimeter. De onderzoekers verwachten dit echter op korte termijn te kunnen uitbreiden tot twee meter en op lange termijn moet een bereik van 10 meter mogelijk worden.