De Omgevingswet wordt uitgesteld vanwege een gebrek aan vaardigheid met een nieuw ICT-systeem voor gemeenten, provincies en waterschappen. Dat maakt Hugo de Jonge (Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) in een kamerbrief bekend.

Wil je op dit moment een huis, windpark, datacenter, kantoorgebouw (en alles daartussenin) bouwen, dan heb je je aan tientallen wetten en regelingen te houden. De Omgevingswet werd bedacht om alle wetten en regelingen in een enkele wet en regeling op te nemen.

Volgens de Rijksoverheid is dat begrijpelijker. Niet iedereen is het daarmee eens. Tegenstanders van de wet zeggen dat er landelijke vraagstukken worden afgeschoven op gemeenten.

De ingang van de Omgevingswet is in de afgelopen twee jaar drie keer uitgesteld. Eerst was het 1 januari 2022, toen werd het 1 juli. Inmiddels denkt de regering aan 1 januari 2023. Dat schrijft minister De Jonge in de kamerbrief.

Moeizaam

Dit keer ligt het probleem aan ICT. De Omgevingswet kan niet ingevoerd worden zonder een vernieuwd ICT-systeem. Daarom werden alle gemeenten, provincies en waterschappen in voorbereiding aangesloten op een nieuw systeem. Ambtenaren blijken moeite te hebben met het gebruik van dit systeem. Zo veel moeite dat “er meer tijd nodig is om goed te oefenen”, aldus De Jonge.

In de komende weken overlegt de overheid of de Omgevingswet op 1 oktober 2022 of 1 januari 2023 wordt ingevoerd.

Niet de eerste — en zeker niet de laatste

Vorige week werd bekend dat de ICT-systemen van de Belastingdienst niet in staat zijn om een btw-verlaging uit te voeren die in het coalitieakkoord werd vermeld. Begin januari werd de ‘jubelton’ — een nieuwe belastingregel voor giften van ouders aan kinderen — van tafel geveegd. Ook toen bleek ICT de boosdoener.

Tip: De zeperd van Zeewolde, het Meta datacenter