Apple’s Mac OS X is nog niet volledig geschikt voor 802.11ac-netwerken, dat blijkt uit een analyse van Ars Technica. Redacteurs gingen aan de slag met de nieuwe MacBook Air en Apple’s nieuwste AirPort Extreme Base Station en kwam tot deze conclusie.

Apple kondigde tijdens de WWDC-keynote twee producten met ondersteuning voor 802.11ac aan, maar deze blijken niet goed samen te kunnen werken. Theoretisch gezien zou een snelheid van bijna 900 Mbps behaald kunnen worden, maar in tests van Ars Technica kwam de snelheid niet hoger dan 101 Mbps.

De nieuwe MacBook Air maakt zijn potentie op dit moment dus nog niet waar, maar toch is de snelheidsverbetering van WiFi-netwerken al wel merkbaar. Ars Technica meet een snelheidsverbetering van maximaal 70 procent ten opzichte van de vorige MacBook Air. Theoretisch gezien zou dat echter 189 procent moeten zijn en dat betekent dat er nog een lange weg te gaan is.

Ars Technica kan het probleem niet exact verklaren, maar gaat ervan uit dat Mac OS X nog niet volledig geschikt is voor 802.11ac-netwerken. Die conclusie wordt getrokken omdat de MacBook Air in combinatie met Windows 8 aanzienlijk hogere snelheden liet noteren.