Google draagt het Agent2Agent-protocol (A2A) over aan de Agentic AI Foundation. Daarmee komt de standaard voor communicatie tussen AI-agents onder hetzelfde dak als MCP, het protocol van Anthropic voor de koppeling van agents aan tools en data.
A2A verhuist naar de Agentic AI Foundation (AAIF), de organisatie die binnen de Linux Foundation het beheer van open agent-infrastructuur regelt. Het protocol komt daarmee naast MCP te staan, plus projecten als goose van Block en AGENTS.md van OpenAI.
De twee protocollen lossen verschillende problemen op. MCP standaardiseert hoe agents verbinding maken met tools en databronnen. A2A regelt hoe agents onderling communiceren. Samen vormen ze volgens Google de infrastructuur die nodig is voor multi-agent systemen op grote schaal. Vorige maand kondigde AAIF nog de grootste MCP-update tot nu toe aan.
MCP komt van Anthropic, A2A van Google. Beide bedrijven hebben daarmee hun technologie onder neutraal bestuur gebracht. Net zoals gemeenschappelijke standaarden hebben bijgedragen aan de totstandkoming van het moderne web en het mobiele ecosysteem, zullen gemeenschappelijke standaarden nodig zijn om een ’internet of agents’ te creëren, is het idee.
Van intern project naar brede standaard
A2A begon als intern Google-initiatief. Het bedrijf presenteerde het protocol in april 2025 en droeg het in juni van dat jaar over aan de Linux Foundation. Bij de lancering stonden al meer dan vijftig partners achter het protocol, waaronder Atlassian, Box, Intuit, LangChain, MongoDB en Workday, plus consultancypartijen als Accenture, Deloitte en PwC.
Binnen de AAIF geldt een tweelaags bestuursmodel: een Governing Board voor strategie, budget en ledenbeleid, en een Technical Committee dat projecten toelaat en technisch beoordeelt. De Linux Foundation levert de juridische en operationele structuur, zonder zelf de technische richting te bepalen.
Google vergelijkt de aanpak met Android. Met open, schaalbare standaarden en een ecosysteem eromheen wil het bedrijf de adoptie versnellen. Of dat lukt, moet de komende tijd blijken.