De Europese Commissie zet stappen in een Europese richtlijn voor het gebruik van AI. Een interview tussen Reuters en beleidsmakers wijst uit dat we ongeveer een jaar zijn verwijderd van het definitieve plan.

Vorig jaar presenteerde de Europese Commissie de Artificial Intelligence Act, het eerste concept van een richtlijn voor de regulering van AI. Op dit moment is de Artifical Intelligence Act een voorstel. De Commissie onderhandelt met het Europees Parlement en lidstaten om het wetsvoorstel tot wetgeving om te zetten.

De goedkeuring van het Europees Parlement wordt in november 2022 verwacht. Daarna start het overleg met EU-lidstaten. Dat kan nog anderhalf jaar duren. Dragos Tudorache en Axel Voss, twee Europese beleidsmakers, zeggen dat de Commissie momenteel overlegt of gezichtsherkenning verboden moet worden en wie dat gaat handhaven.

Gezichtsherkenning is een struikelblok

Volgens Tudorache is gezichtsherkenning een belangrijk onderwerp. De Commissie wil het gebruik van gezichtsherkenning onder toezichthouders toestaan bij terreuraanslagen en zware criminaliteit. Burgerrechtenactivisten vrezen daarentegen voor discriminatie en surveillenace door overheden en organisaties.

“Gezichtsherkenning wordt het grootste ideologische debat tussen rechts- en linksdenkende mensen”, vertelde Tudorache. “Ik geloof niet in een regelrecht verbod. De juiste regels zijn wat mij betreft de oplossing.”

Beleidsmaker Axel Voss onderzoekt het juridische plaatje. Voss stemt in dat gezichtsherkenning toegestaan moet worden, maar sterke regels nodig heeft.

Hoewel de Europese Commissie graag ziet dat de autoriteiten van EU-lidstaten de regels gaan handhaven, vindt Tudorache dat de Commissie een aandeel moet hebben.

“Er is een centralere aanpak nodig. Een hybride aanpak, waarbij wetgeving op een landelijke niveau wordt geïmplementeerd, maar de Commissie verantwoordelijkheid blijft voor bepaalde zaken. Zo werken concurrentiewetten op dit moment ook.”