De stap naar de cloud is massaal gemaakt het afgelopen decennium, met een afname in het beheer van eigen apparatuur tot gevolg. Dankzij verrassend hoge kosten, soevereiniteitszorgen en bestaande legacy IT is de migratie terug naar on-premises voor velen een logische geworden. HPE SimpliVity en Lemontree willen de cloudervaring te combineren met voorspelbare, stabiele prestaties zonder het complexe beheer van eigen hardware.
HPE SimpliVity is een “beproefde” oplossing, in de bewoording van Clemens Esser, Chief Technologist bij HPE Nederland. Voornamelijk operationele eenvoud is van belang voor eindgebruikers van de oplossing, tegenwoordig geconsumeerd via HPE Private Cloud Business Edition (PCBE). Laatstgenoemde is de managed dienst die dezelfde flexibiliteit, eenvoud en het consumptiemodel van public clouds naar on-premises IT dient te brengen. Esser benadrukt dat SimpliVity hierbinnen juist niet te complex is. Zoals Sander de Jong, Solutions Architect bij HPE, aangeeft: organisaties hebben niet de mankracht om een geheel team aan IT-beheerders aan te nemen. Eén beheerder moet veelal zowel het netwerk draaien als de servers, nieuwe projecten realiseren en security in de gaten houden. “Zij moeten zoveel mogelijk ontzorgd worden, en veel automation en orkestratie kunnen gebruiken”, zegt hij.
Die ontzorging kan plaatsvinden via partner Lemontree, zelfomschreven “Masters in ICT”. Het bedrijf kent samenwerkingen met talloze partijen, en dat aantal groeit nog steeds. Het beheer van IT-infrastructuur is een rode draad door het aanbod, waarbij HPE SimpliVity zich in een bijzondere positie bevindt. De oplossing scheelt Lemontree tijd en moeite, ook omdat het een update manager bevat en de gehele stack “gezond” houdt. Het gevolg is dat CTO bij Lemontree Chris Ketting spreekt over een oplossing die stabiel draait en “eigenlijk nooit plat” gaat.

Minder tools
De Jong verwijst naar de veelzeggende naam: SimpliVity gaat voor eenvoud. Esser vult aan wat daar het voordeel van is: consolidatie van je tooling. Minder integratiepunten en dagelijkse handelingen brengen de operationele kosten omlaag, “en dan krijg je als organisatie een rock-solid omgeving.” Voor een greenfield omgeving is dergelijke uniformiteit haalbaar, maar de meeste bedrijven hebben nu eenmaal te maken met de consequenties van eerdere IT-keuzes. Hoe uit zich dat?
Esser stipt aan dat VMware ooit begon als een “kale hypervisor” en daardoor aantrekkelijk was. In de jaren ’00 leverde het een product dat complexiteit tegenging, maar zelf geleidelijk functionaliteit toevoegde. Dat klinkt voordelig, en dat was het ook voor partijen die zich konden vinden in de gekozen roadmap. Ook SimpliVity-generatiegenoot Nutanix, dat tevens de consolidatie van IT-infrastructuur naar Hyperconverged Infrastructure (HCI) maakte eind jaren ’00, is met de jaren uitgebreid naar een volledig platform. In plaats van dit te zijn als een soort onvermijdelijke stap naar volwassenheid voor deze vendoren, dienen we de positie van hun klanten hierin te betrekken. Zij kozen voor een tool om veelal vrij specifieke redenen, met uiteenlopende profielen en use cases.
Het eindresultaat is duidelijk, met VMware onder Broadcom-bewind als het krachtigste voorbeeld. Esser concludeert dat organisaties richting “VMware, VMware, VMware” werden gedwongen. “Terwijl wij zeggen bij HPE: wij kunnen een use case heel goed oplossen binnen onze stack, maar je kunt ook andere stacks daarnaast zetten.” Daar integreert HPE “netjes” mee, aldus Esser.
Het is een wezenlijk verschil voor de eindgebruiker, omdat een “kale hypervisor” zoals VMware dat ooit was, regelmatig nog de use case is die organisaties hebben. De HPE-aanpak mikt op een adoptie die deze oorspronkelijke use case zou moeten waarborgen.
HPE SimpliVity als soeverein fundament
Een eenvoudige oplossing is er niet een zonder features. Zoals we al vaker hebben gemerkt als het om de architectuur achter IT-oplossingen gaat: eenvoud is ontzettend complex. En een prestatiegerichte oplossing is zelden echt eenvoudig. Desondanks kan HPE SimpliVity back-up-functionaliteit bieden die veel sneller opereert dan vanuit de cloud. Dit komt mede door het feit dat data direct geanalyseerd en verwerkt wordt, zodat de opslagcapaciteit zo efficiënt mogelijk wordt benut. Dit is inline data deduplicatie en is sinds het begin van SimpliVity een cruciaal onderdeel van de oplossing.
“Daarmee kun je heel efficiënt met snapshots omgaan,” aldus Esser. “Zo kun je snel herstellen, en ook over twee locaties heen.” Met andere woorden: een IT-omgeving is te snapshotten naar een centrale omgeving, dat een failover biedt indien nodig en de data kan terugzetten als deze elders verloren gaat. Organisaties hebben doorgaans niet alleen een hekel aan downtime, het kan ze ook in grote financiële problemen brengen. Elke minuut aan downtime die bespaard kan worden, voorkomt een grote kostenpost. Daarnaast is het een fictie dat de cloud per se altijd bereikbaar of op alle schalen voordelig is. On-premises apparatuur heeft een kritieke rol behouden in het IT-landschap.
En met een maatschappelijke discussie waar het woord “soeverein” met hoge regelmaat de revue passeert, heeft het er een dimensie bij gekregen. Dit is waar de integraties met andere oplossingen voor HPE SimpliVity een groot voordeel is. Denk aan VMware vSphere-workloads of Microsoft Hyper-V, inclusief Role-Based Access Control (RBAC), en ondersteuning van secundaire back-up-apparatuur. Wie niet vastzit aan vendor lock-in, kan in vrij korte tijd ook overstappen naar HPE VM Essentials, dat SimpliVity aanvult met een KVM-gebaseerde virtualisatie-oplossing. Het is geen vereiste, zoals gezegd. Maar de focus op eenvoudig te beheren tools en gestandaardiseerde oplossingen helpt organisaties om hun afhankelijkheid van vendoren te verkleinen.
Toch spreekt HPE van een ecosysteem, waar klanten zelf kunnen kiezen of ze bijvoorbeeld VMware draaien of VM Essentials. Het belangrijkste punt, en inmiddels een steeds schaarser voordeel, is dat SimpliVity zowel eenvoud als consistentie biedt.
Lees ook: HPE biedt VMware-alternatief met enterprise-grade KVM in HPE Private Cloud