Microsoft trapt de rechtszaak tegen Motorola af met een aanklacht voor overbetaling voor de patenten van Motorola. Het betreft hier een groot aantal patenten gericht op H.264-video’s en de 802.11 Wi-Fi-standaard. Het gaat om zogeheten Standaard Essentiële Patenten waarvoor Motorola in principe vaste prijzen moet hanteren.

Volgens Microsoft zou het bedrijf in 2010 al een patentlicentie hebben willen afsluiten met Motorola, maar deze wilde een royale 2.25 procent van de verkoopprijs van alle apparaten die gebruik maken van dit patent. Het gaat hierbij om producten zoals de Xbox 360, Windows 7 en Windows Phone 7.

De patenten in kwestie staan bekend als standaard-essentiele patenten en zijn alom vertegenwoordigd in vele standaarden in de industrie, dit betekent dat licenties voor deze patenten moeten worden verstrekt onder eerlijke en redelijke voorwaarden (FRAND). Microsoft stelt dat Motorala zich hier niet aan houdt, omdat er disproportioneel hoge licentiekosten gevraagd worden. Daarmee zou Motorola de FRAND-regels schenden.

Advocaten van Microsoft lieten rechter James Robart weten dat Microsoft geen enkel probleem ziet in het betalen van licentiekosten voor de patenten van Motorola, maar alleen als de voorwaarden hiervoor in proportie zouden staan met de waarde van de patenten. Motorola geeft het tegenargument dat de "eerlijke" licentiekosten bepaald worden door het geld wat het bedrijf eerder op de markt verdiende en dat Microsoft dezelfde deal kreeg voorgeschoteld als alle andere bedrijven die gebruik wilden maken van de patenten.

De uitspraak van de rechter kan grote gevolgen hebben voor vele verschillende producenten en toekomstige apparaten. Vandaag gaat de rechtszaak tussen de twee bedrijven verder, wel liet de rechter weten geen uitspraak te willen doen tot ergens in december.