Microsofts ambitie om water te besparen komt onder spanning te staan door de snelle groei van AI. Interne ramingen laten zien dat het waterverbruik van het bedrijf richting 2030 flink toeneemt door de uitbreiding van datacenters, waaronder op locaties waar waterbeschikbaarheid al een aandachtspunt is.
De ontwikkeling werd gedeeld door The New York Times. In 2020 kondigde Microsoft-president Brad Smith aan dat het bedrijf zijn waterverbruik zou terugdringen en tegen 2030 zelfs ‘waterpositief’ wilde worden. Dat houdt in dat Microsoft meer water zou aanvullen dan het verbruikt. Destijds leek die doelstelling haalbaar, maar de snelle opkomst van generatieve AI heeft het speelveld volledig veranderd. De bouw van nieuwe datacenters is in een stroomversnelling geraakt en daarmee ook de behoefte aan water voor koeling.
Volgens interne ramingen die vorig jaar zijn opgesteld, zou Microsofts wereldwijde waterverbruik tegen 2030 kunnen oplopen tot 28 miljard liter per jaar, ruim drie keer zoveel als in 2020. Na vragen van journalisten stelde het bedrijf die cijfers bij. Door efficiëntere ontwerpen en nieuwe koeltechnieken verwacht Microsoft nu rond de 18 miljard liter uit te komen. Dat is nog altijd een stijging van ongeveer 150 procent in tien jaar tijd. Daarbij moet worden opgemerkt dat recente investeringen van tientallen miljarden dollars in nieuwe datacentercapaciteit niet in deze cijfers zijn meegenomen.
Opvallend is dat een groot deel van het waterverbruik plaatsvindt in gebieden die al kampen met structurele droogte of watertekorten. In de regio Jakarta, waar bodemdaling en uitgeputte grondwaterlagen een groot probleem vormen, voorzag Microsoft aanvankelijk een verviervoudiging van het watergebruik. Die schatting is later verlaagd, zonder dat het bedrijf precies toelichtte waarom. Ook in de omgeving van Phoenix, waar al decennialang sprake is van droogte, blijft Microsoft een van de grootste industriële watergebruikers, ondanks aanpassingen zoals het draaien van datacenters op hogere temperaturen.
AI-industrie vergt veel grondstoffen
De stijgende waterbehoefte is geen exclusief Microsoft-probleem. De hele technologiesector verandert door AI in een industrie die steeds meer fysieke grondstoffen nodig heeft. Datacenters waren lange tijd relatief onzichtbaar, maar worden nu een cruciale infrastructuurlaag met een aanzienlijke milieu-impact. Onderzoekers verwachten dat het waterverbruik van datacenters in de Verenigde Staten binnen enkele jaren kan verviervoudigen ten opzichte van 2022.
Binnen Microsoft klinkt ook intern kritiek. Voormalige medewerkers geven aan dat bij de keuze van datacenterlocaties vooral werd gekeken naar snelheid, kosten en toegang tot elektriciteit. Water kwam vaak pas later in beeld. Volgens hen speelde mee dat water historisch gezien goedkoop was en daardoor minder urgent aanvoelde dan energieverbruik.
Microsoft benadrukt dat het samenwerkt met lokale waterbedrijven en investeert in infrastructuur en herstelprojecten, zoals het beschermen van wetlands en het verminderen van lekkages in bestaande watersystemen. Toch erkent het bedrijf dat het lastig is om voldoende projecten te vinden waarmee water daadwerkelijk kan worden aangevuld, vooral in regio’s waar de druk het grootst is.
Daar komt bij dat het indirecte waterverbruik vaak buiten beeld blijft. Elektriciteitscentrales die stroom leveren aan datacenters gebruiken zelf ook grote hoeveelheden water voor koeling. Wanneer dat wordt meegerekend, kan de totale watervoetafdruk van AI-datacenters aanzienlijk hoger uitvallen dan bedrijven nu rapporteren.