Uiterlijk

Het ontwerp van de Sony Xperia Z3+ is grotendeels gelijk aan dat van de Xperia Z3. Dat is op zich niet erg; de Xperia Z3 is in mijn ogen een mooie telefoon en concurrenten HTC en LG hebben ook niet bepaald uitgepakt met het uiterlijk van de One M9 en G4.


Maar de Xperia Z3+ is zeker niet identiek aan zijn voorganger. Zo is de behuizing 0,4 millimeter dunner geworden, waardoor de totale omvang toch met een dikke vijf procent afneemt. De Xperia Z3+ is hierdoor ook net zo dun als de iPhone 6. Door de dunnere behuizing is de smartphone ook een fractie lichter, eveneens zo’n 5 procent.

Verder gaat de micro USB-poort niet langer schuil achter een irritant klepje op de zijkant van het toestel, Sony heeft de poort eindelijk centraal onderop de smartphone geplaatst. Deze locatie is veel gangbaarder en het klepje zelf zal ook niet gemist worden. Overigens blijft de waterdichte behuizing wel behouden, Sony heeft de USB-poort dus behandeld tegen penetratie van water. Door deze nieuwe poort heeft ook de magnetische aansluiting voor bureauladers het veld moeten ruimen.

De Xperia Z3+ heeft forse randen boven en onder het scherm, daar had Sony natuurlijk ook wel wat aan mogen doen maar dat zat er schijnbaar niet in. 70,9 procent van de voorzijde van de smartphone wordt in beslag genomen door het scherm en dat is ongeveer gelijk aan de topmodellen van andere merken.


Boven het scherm zitten de gebruikelijke zaken zoals een selfie-camera en verscheidene sensoren. De speaker is tegen de bovenste rand geplaatst, waar deze bij de Xperia Z3 nog wat opzichtig op het oppervlak was gepositioneerd. Onderaan de voorzijde is een tweede speaker op dezelfde manier verwerkt, hier zit ook de primaire microfoon

Op de glazen achterzijde van de Xperia Z3+ zit linksboven de cameralens, met eronder een flitser. Een klein icoontje geeft nog aan waar de NFC-zone zit en daarmee zijn de noemenswaardige onderdelen al behandeld.


De zijkanten zijn gemaakt van metaal, de hoeken van plastic. Sony wil deze materialen op deze manier zo goed mogelijk gebruiken. De metalen vlakken voor de stevigheid van de behuizing, de plastic hoekpunten om het toestel stootvast te maken.

Bovenop de Xperia Z3+ zit een aansluiting voor een headset, ook is er een inkeping met daarachter een secundaire microfoon. Het mag inmiddels duidelijk zijn dat de micro USB-poort centraal op de onderzijde is geplaatst, links daarvan zit een inkeping waarmee een polsbandje geplaatst kan worden, een onderscheidende maar simpele eigenschap die Sony steevast aan de toestellen toevoegt. Het Japanse merk voegt levert ook steevast géén polsbandje mee in de verpakking.


Op de linkerzijde van de Xperia Z3+ zit een klepje, met een uitneembare lade. In die lade kunnen een nano-simkaart en een micro SD-kaart geplaatst worden. De lade kan bovendien gebruikt worden om een klein kaartje uit de behuizing tevoorschijn te toveren, waar de nodige toestelinformatie en iconen op zijn geplaatst. Op deze manier hoeft Sony deze iconen niet óp de behuizing te plaatsen, elektronicafabrikanten zijn namelijk verplicht om deze zaken ergens op het toestel te vermelden. Sony kiest dus voor een oplossing waarbij de informatie mooi is weggewerkt. Het is overigens een takkenwerk om het kaartje uit de behuizing te prutsen, maar ik heb het vermoeden dat de mensheid daar maling aan heeft.


De rechterzijde is voorzien van enkele knoppen, namelijk om het toestel aan en uit te zetten, het volume te regelen en de camera te besturen. De knoppen zijn makkelijk te bereiken en reageren goed.

De behuizing van de Xperia Z3+ kan net als bij zijn voorgangers niet eenvoudig geopend worden. De accu is dus niet vlug te verwisselen.