De smartphone-markt wordt momenteel in een rap tempo volwassen en daarbij lijkt de ruimte voor de kleinere fabrikanten te gaan verdwijnen, zeker nu er een kwaliteitsslag wordt gemaakt in het budgetsegment. In het hogere segment is de concurrentie al jaren moordend, waardoor veel fabrikanten zich steeds meer op het middensegment gingen richten. Nu lijkt de aandacht zich nog verder naar de onderkant van de markt te verplaatsen en zien we dat de kwaliteit van de goedkope smartphones met sprongen vooruit gaat. Voor de kleinere fabrikanten blijft er straks geen markt meer over.

Als je als kleine smartphone-fabrikant niet mee kan doen op het hoogste podium, dan kies je voor een andere strategie en probeer je uit het vaarwater van de grote jongens te blijven. De afgelopen jaren mikten dit soort fabrikanten dan ook op het budget- of middensegment. Het is vooral concurrentie op prijs, zo goedkoop mogelijk een smartphone maken en die in de winkels leggen. Een strategie die we bijvoorbeeld zien bij Acer, Alcatel en Archos. De kwaliteit van deze smartphones is wisselend, maar ook de keuze voor de hardware wordt vaak genomen op basis van prijs in plaats van kwaliteit en prestaties.

Zo zien we aan de onderkant van de markt enorm veel goedkope smartphones met een MediaTek-chip. Nu heeft Mediatek hele goede chips in het assortiment die goede prestaties leveren voor een leuke prijs, maar het bedrijf heeft ook chips die gewoon veel te wensen overlaten. Vooral die laatste categorie chips zien we enorm veel aan de onderkant van de markt. Over het algemeen zien we dat deze chips grafisch en qua accuduur tekort komen, de systeemprestaties zijn in sommige gevallen helemaal zo slecht nog niet. Dit zien we bijvoorbeeld bij de Alcatal One Touch C7 (review) en One Touch C9 (review).

Je zou kunnen stellen dat Nokia de eerste fabrikant was die de onderkant van de smartphonemarkt serieus nam met de Lumia 520 (review) die een prima prijs-kwaliteitverhouding had. Motorola was in mijn ogen echter degene die de boel echt openbrak, het bedrijf introduceerde de Moto G (review). Daarmee werd meteen het kaf van het koren gescheiden want tot op de dag van vandaag is de Moto G de beste budgetsmartphone voor Android. De Moto G gaat over de toonbank voor ongeveer 160 euro. Nokia heeft na de introductie van de Moto G op zijn beurt de Nokia Lumia 630 (review) gepresenteerd. De Lumia 630 is een smartphone met vergelijkbare specificaties als de Moto G, maar dan met Windows Phone en wat meer oog voor design. Daarnaast is de Lumia 630 ook nog wat goedkoper, met een adviesprijs van 150 euro.

Motorola heeft inmiddels ook de Moto E (review) gepresenteerd, dit toestel is wat minder krachtig dan de Moto G, maar kost ook slechts 125 euro. Inmiddels zien we dat ook HTC het probeert met de Desire 516. Hetzelfde geldt voor Huawei met de Ascend G6 (review) en Sony met de Xperia M2, maar deze toestellen zijn eigenlijk nog net iets te duur, maar dat kan natuurlijk nog veranderen. Andere fabrikanten als LG en Samsung hebben de serieuze aanval nog niet ingezet op de onderkant van de markt, maar dat lijkt nu een kwestie van tijd te zijn.

De toekomst in de smartphonemarkt is voor kleine fabrikanten als Acer, Alcatel en Archos daarom niet rooskleurig. De speelruimte die deze partijen hadden, lijkt in rap tempo te verdwijnen. De grote fabrikanten gaan het kaf van het koren scheiden. De lat voor de kwaliteit van budgetsmartphones is echt een flink stuk hoger komen te liggen. Mocht Samsung besluiten om ook kwalitatieve budgetsmartphones te gaan maken, dan kunnen ze sowieso inpakken.

Voor de consument is het natuurlijk goed nieuws, want hierdoor is er straks voor elke prijs een goede smartphone te krijgen.