Het bedrijf achter de populaire ruildienst KaZaA heeft een rechtszaak aangespannen tegen de Amerikaanse muziekindustrie. De maatschappijen, vertegenwoordigd in de RIAA, worden ervan beschuldigd ongeautoriseerde versies van de KaZaA-software te gebruiken bij hun pogingen om gebruikers in de gaten te houden. Het moederbedrijf van KaZaA, Sharman Networks, stelt dat de muziekindustrie bij z’n opsporingspogingen gebruik maakt van het programma KaZaA Lite, alternatieve en minder commerciële afgeleide van de reguliere software van Sharman.

De RIAA eiste eerder van Amerikaanse providers de namen en adressen van mensen die via internet veelvuldig muziek uitwisselen. De organisatie controleert de online muziekcollectie van deze mensen door middel van een soort digitale vingerafdrukken, ‘hashes’ genoemd, die soms aangeven wat de bron is van de bestanden. Ook kan worden nagegaan of het liedje gekopieerd is van een legaal gekochte cd of dat het via internet is gedownload. Bovendien maakt de muziekindustrie gebruik van zogeheten ‘metadata tags’, verborgen stukjes informatie die op veel MP3-bestanden te vinden zijn. Via dergelijke tags kunnen de speurneuzen van de muziekindustrie in bepaalde gevallen de (schuil)naam van de persoon achterhalen die de muziekbestanden aanvankelijk van de cd heeft gekopieerd.