Microsoft heeft een nieuw certificatieproces ontwikkeld voor Network Interface Cards (NIC’s) die in combinatie met Windows Server worden gebruikt.

Sinds 2008 baseert Microsoft de technische vereisten voor NIC’s voornamelijk op de snelheid van de zogenoemde adapter link. Het betekent dat iedere adapter van 10 Gbps aan meer Microsoft-vereisten moet voldoen, ongeacht de door de fabrikant bedoelde functionaliteit.

Hierdoor testten fabrikanten voornamelijk de snelheid van de NIC’s en niet de echte prestaties. Doordat de op Windows Server gebaseerde servers tegenwoordig allerlei I/O-intensieve handelingen moeten verrichten, zoals de software-defined storage van Microsoft Storage Spaces, is ruwe snelheid geen indicator meer hoe een NIC in een server functioneert.

De oude certificatievereisten van de techgigant geven daarom eigenlijk geen indicatie meer waaraan NIC’s tegenwoordig moeten voldoen. Vooral na de introductie van Windows Server 2022. Dit resulteerde in een groot aantal NIC’s die niet de gewenste certificatie kregen.

Nieuwe criteria

Microsoft vindt het daarom tijd zijn certificatieproces voor NIC’s op de schop te nemen. De NIC’s worden nu gecertificeerd, als Standard of als Premium, op basis van drie criteria.

Het eerste criterium is compute-verkeer. Dit verkeer is van een vm afkomstig of heeft een vm als bestemming. Het tweede criterium dat de techgigant aan NIC’s stelt, is storageverkeer. Dit is het verkeer dat Server Message Block (SMB) gebruikt. Denk daarbij aan Storage Spaces Direct of SMB-gebaseerd live migratieverkeer.

Het derde en laatste criterium is beheerverkeer. Dit verkeer gaat naar het lokale cluster of komt van buiten het lokale cluster. Dit kan storage replicaverkeer zijn of verkeer dat voor het beheer van de cluster is bestemd. Denk aan Remote Desktop, Windows Admin Center of Active Directory.

Tip: Microsoft bezwijkt onder druk en wijzigt Europese licentievoorwaarden