Hackers die datalekken weten op te sporen en dit aan de betreffende instantie melden, moeten niet gestraft worden. Zij bewijzen de organisatie en de maatschappij een dienst en moeten om die reden niet vervolgd worden voor de hackaanval. Daarvoor pleit een meerderheid van het Europees Parlement.

In diverse lidstaten, inclusief Nederland, gaan steeds meer stemmen op om het hacken van computers en informatiesystemen strenger te bestraffen. Voor computervredebreuk staat momenteel een gevangenisstraf van één jaar, dat moet in de toekomst twee jaar worden. De strafmaat voor grootschalige cyberaanvallen zal straks ten minste vijf jaar bedragen.

Een parlementaire meerderheid van het Europees Parlement heeft ingestemd met de herziening van de Europese richtlijn voor cybercrime. De Europarlementariërs maken echter een uitzonder voor ethische hackers, ook wel de zogeheten white hat hackers. Volgens de parlementsleden zijn er gevallen denkbaar waarin "de toegang tot een IT-systeem zonder toestemming of recht was, maar slechts met het doel om de beheerder van het systeem te informeren over serieuze securitygaten en er geen schade is aangericht", aldus het amendement. White Hat-hackers vormen volgens de beoogde richtlijn daarom nadrukkelijk een uitzondering.

Diverse Nederlandse hackers maakten vorig jaar kenbaar dat ze vinden dat een klokkenluidersbescherming hard nodig is voor hackers die beveiligingsproblemen en andere misstanden willen aantonen. Zij worden namelijk over één kam geschoren met Black Hat-hackers die computers kraken met kwaadwillende doeleinden. "Het stoort mij enorm dat we vergeleken worden met boeven die voordeuren intrappen. Een buurman die je wijst op een openstaand raam, dat komt meer in de buurt. Die bedank je!", aldus een hacker die bekend staat onder de naam Pompiedompiedom.

Een meerderheid van de Tweede Kamer ziet niets in deze plannen. CDA, VVD en PVV vreesden dat dit een vrijbrief zou vormen om op grote schaal computers en informatiesystemen aan te vallen. "Wij maken graag gebruik van hackers, maar binnen de grenzen van onze rechtsstaat en binnen de grenzen die de wet ons toelaat", aldus minister Opstelten (Veiligheid en Justitie). De oppositie noemde het "heel erg jammer" dat het plan geen doorgang vond.