Het gegeven dat de Amerikaanse veiligheidsdienst NSA waarschijnlijk communicatie tussen de servers van Google en Yahoo aftapte, is bij Google’s topman Eric Schmidt in het verkeerde keelschat geschoten.

Vorige week berichtte de Washington Post over details omtrent de werkwijze van de NSA. De Amerikaanse veiligheidsdienst gebruikmaken van enkele kwetsbare punten in het dataverkeer tussen Google en Yahoo. Deze kwetsbare punten zouden juist liggen in de gegevensoverdracht tussen de zwaarbeveiligde servers onderling. De NSA brak dus niet in op de zwaarbeveiligde servers, maar tapte doodleuk de onderlinge communicatie af.

In een interview geeft Google’s bestuursvoorzitter Eric Schmidt aan dat hij allerminst te spreken is over deze werkwijze. "Het is werkelijk schandalig dat de NSA het dataverkeer tussen de datacenters van Google aftapte, mits dit waar is." Google heeft inmiddels haar beklag gedaan bij zowel de NSA als bij president Obama en de Congresleden. Volgens Schmidt zou de NSA gegevens van telefoongesprekken van zo’n 320 miljoen personen hebben verzameld om ongeveer 300 personen die een risico zouden kunnen lopen te onderscheiden.

De NSA zou handelen vanuit een presidentiële order waarmee bij het verzamelen van gegevens bepaalde nationale wetten omzeild mogen worden. Dat zou volgens de NSA echter niet juist zijn. Keith Alexander, topman van de NSA, verklaart: "Ik kan zeggen dat we feitelijk geen toegang hebben tot de servers van Google en Yahoo. Hiervoor is een gerechtelijk bevel nodig."

De Amerikaanse commissie voor inlichtingendiensten in de Senaat heeft afgelopen donderdag een wetgeving goedgekeurd, waarmee een strenger toezicht zal worden ingesteld op het digitaal aftappen van gegevens.