China overweegt einde te maken aan gedwongen overdracht technologie

Stay tuned, abonneer!

Het is iets waar buitenlandse investeerders niet heel blij mee zijn als ze kijken naar de Chinese markt. Niet-Chinese bedrijven moeten een joint-venture aangaan met een Chinees bedrijf als ze op de markt actief willen zijn. Dat betekent vaak dat er technologie overgedragen wordt, waar de buitenlandse bedrijven uiteraard niet blij mee zijn. Maar mogelijk komt hier een einde aan.

Dat meldt in elk geval de Chinese nieuwsorganisatie Sunday. Er zou een nieuwe wet in de maak zijn die een einde maakt aan de praktijk van de joint-ventures. De nieuwe wet zou ervoor zorgen dat buitenlandse investeerders en bedrijven dezelfde voordelen genieten als Chinese firma’s. Dat gaat dan om de meeste industrieën, al zouden er wel een paar uitgesloten zijn.

Land opengooien

Het Standing Committee van het National People’s Congress in China heeft de zaak al besproken. Om het land te openen voor buitenlandse investeerders en tegelijk de “legitieme rechten en belangen van buitenlandse investeerders te beschermen, maar ook een nieuw patroon van alomvattende opening te vormen” is de wet voorgesteld.

De Nikkei Asian Review denkt dat de nieuwe wet voorgesteld is om zorgen van Washington weg te nemen. Momenteel onderhandelen de twee landen om een einde te maken aan een handelsoorlog. Op dit moment is er namelijk een zekere rust in de handelsstrijd en voeren de landen geen nieuwe heffingen door, tot 1 maart 2019. Dan verstrijkt de deadline van de onderhandelingen.

Analisten denken in elk geval dat de nieuwe wet, als die er komt, ervoor kan zorgen dat bepaalde investeerders die nu terughoudend zijn ten aanzien van de Chinese markt, toch aan boord stappen. Dat zou zowel voor de Chinese arbeidsmarkt goed kunnen zijn, als voor de consumenten aldaar.