TP-Link biedt onder de Omada-vlag inmiddels een groot aanbod aan netwerkproducten. Hoe bevalt dit platform in de praktijk? Wij zochten het uit aan de hand van niet langdurige test. Het resultaat zijn twee artikelen, eentje over de hardware, eentje over de beheersoftware. In dit artikel gaan we in op de hardware.

Het aanbod op de markt voor zakelijke LAN/WLAN-netwerken is enorm. Aan de ene kant heb je leveranciers zoals Cisco, Aruba, Juniper/Mist en Extreme Networks, die zich van oudsher primair richten op grote enterprise-omgevingen. Aan de andere kant kom je uit bij namen zoals Ubiquiti, Netgear, EnGenius, Zyxel en TP-Link. Dat zijn aanbieders die het in eerste instantie wat lager in de markt zochten en/of zoeken.

Een ding hebben vrijwel alle spelers in de netwerkmarkt met elkaar gemeen. Software defined networking (SDN) is een speerpunt. Op het gebied van bedrijfsnetwerken (LAN en WLAN), betekent dit dat iedereen tegenwoordig platformen aanbiedt die je centraal kunt beheren. Dit is mogelijk als je organisatie zelf een IT-afdeling heeft met netwerkbeheer. Je kunt ook als MSP centraal dit soort netwerken beheren, voor al je klanten. Dit alles kan over het algemeen vanuit een enkel dashboard. Het voordeel van een dergelijke benadering is dat je veel eenvoudiger nieuwe apparaten kunt onboarden, veel beter in de gaten kunt houden of het netwerk naar behoren functioneert en eenvoudiger zaken zoals policies en toegangsregels inregelt. Dit in de regel allemaal zonder dat je continu op pad bent om naar de netwerkapparaten toe te gaan.

Cloud en/of on-premises

Als je het hebt over centraal zaken managen, gaat het vaak al snel over de cloud. Dat is immers een logische plek om dit te doen. Vandaar ook dat veel leveranciers met een cloudgebaseerd netwerkaanbod komen. Access points, switches, gateways en in sommige gevallen camera’s maken verbinding met de cloud en krijgen daarvandaan hun configuratie door. Deze communicatie vindt overigens out-of-band plaats, dus het is niet zo dat al het verkeer van je zakelijke netwerk door de cloud heen gehaald wordt. Het gaat alleen maar over de beheerpakketjes.

Een groot voordeel van de cloud is dat je daar zeer veel schaalbare rekenkracht voorhanden hebt. Dit stelt leveranciers in staat om de nodige extra opties aan te bieden. Denk hierbij aan realtime zeer gedetailleerd het verkeer analyseren. Een andere mogelijkheid die de cloud biedt, is het toevoegen van AI aan netwerken. Dat maakt het mogelijk om wederom in realtime in te spelen op veranderende omstandigheden binnen de netwerkomgeving. Onder de streep zou dat de prestaties van het netwerk als geheel dus ook beter moeten maken.

Een nadeel van het inzetten van de cloud, is dat dit vaak niet gratis is. Dat hoeft het ook niet te zijn, omdat de leveranciers hier vanzelfsprekend ook kosten voor maken. Voor de klant vertaalt zich dat in kosten voor licenties en abonnementen, bovenop de aanschafprijs van de hardware. Sommige leveranciers bieden weliswaar gratis tiers aan, maar die zijn niet voor iedereen interessant. Wil je als MSP van de interessantste onderdelen gebruikmaken, bijvoorbeeld multi-tenancy, dan komt vaak toch het abonnement om de hoek kijken.

On-premises biedt meer controle, minder mogelijkheden

In de praktijk heeft niet iedere organisatie alle high-tech mogelijkheden van de cloud nodig, zoals AI en realtime inzicht tot op applicatieniveau. Er is ook best een grote markt voor netwerken die vooral gewoon stabiel een netwerkverbinding moeten bieden aan client devices en prima zonder de nieuwste en hipste snufjes kunnen. Een centraal beheerplatform (in de cloud) is dan nog altijd wenselijk, maar daar houdt het dan ook wel een beetje op. Extreem gedetailleerde informatie over het verkeer hoeft zeker niet overal bijvoorbeeld.

Het grote voordeel van het niet afnemen van een cloudlicentie of -abonnement, is dat je maar een keer betaalt voor je netwerk. Nadat je de hardware hebt afgerekend, komen er geen extra kosten meer bij. Dit terwijl je dus wel gewoon gebruik kunt maken van een centrale beheeromgeving. Soms draait deze in de cloud, andere leveranciers kiezen ervoor om de omgeving on-premises op te zetten. Deze is dan vaak wel van buiten het netwerk toegankelijk, doordat je de controller kunt koppelen aan een cloud-account. Log je daarop in, dan kom je dus overal vandaan ook gewoon in je netwerkomgeving uit.

TP-Link Omada en de rest

TP-Link Omada, het onderwerp van dit artikel, is een voorbeeld van een on-premises centraal beheerde zakelijke netwerkomgeving, die ook van buitenaf te benaderen is. Het lijkt het meest op wat Ubiquiti aanbiedt met de Unify-spullen in combinatie met een Cloud Key, of het EnGenius-aanbod dat je met de SkyKey eveneens van buitenaf toegankelijk kan maken. Evenals Ubiquiti en EnGenius biedt TP-Link daarnaast ook nog een ‘echte’ cloudomgeving aan. Netgear heeft met Insight gekozen voor een cloud-only benadering, iets wat Zyxel met Nebula ook doet.

In het hogere segment hebben we met Meraki van Cisco, Aruba Central, Mist van Juniper en ExtremeCloud veel focus op de cloud. Alle leveranciers hebben daarnaast ook nog een ’traditionele’ (niet-cloud) tak, al was het maar vanwege de forse legacy die hun klanten hebben. Het relatief jonge Extreme Networks (zoals het is na alle overnames van de afgelopen jaren) is zo op het oog het verst met de transitie van haar volledige omgeving naar de cloud. Mist is uiteraard de jongste van het stel (uit 2014), maar is sinds enkele jaren onderdeel van Juniper Networks. Dat is nu langzaam maar zeker Mist in alle geledingen van het eigen portfolio aan het integreren.

We realiseren ons dat bovenstaande onderverdeling her en der wat quick and dirty is. Zo zijn vooral de grote jongens in het hogere segment ook erg actief op het gebied van (SD-)WAN. Het gaat ons echter vooral om het globaal duidelijk maken van de plaats van TP-Link Omada in de markt. We richten ons vanaf nu uitsluitend nog op dit platform. Een uitgebreide vergelijking tussen alles wat de netwerkmarkt te bieden heeft, is wellicht iets voor een andere keer.

Omada van TP-Link is niet nieuw, laten we dat vooropstellen. De auteur van dit artikel schreef al in 2016 zijn eerste reviews over deze productlijn. Toch is Omada nu totaal niet te vergelijken met wat het in 2016 was, toen Omada overigens nog door het leven ging als Auranet. In het begin had TP-Link alleen een paar access points in dit onderdeel van het portfolio zitten. Tegenwoordig bestaat Omada uit een zeer complete line-up van access points, controllers, switches en gateways. Die beheer je allemaal via een cloudportal, dat verbinding maakt met de controller-software die je on-prem hebt draaien. Deze kun je ergens op een server hosten, maar je kunt ook een dedicated hardwarematige controller inzetten.

Met bovenstaande is de ambitie van TP-Link nog zeker niet volledig vervuld, horen we van onze contacten bij TP-Link. Er zit nog veel meer aan te komen op termijn. Zo werkt men ook aan het toevoegen van camera’s aan het aanbod en is er sinds we met de test gestart zijn een ‘echt’ cloudaanbod gekomen. Dat wil zeggen, het is inmiddels ook mogelijk om het beheer volledig vanuit de cloud te doen, zonder on-site controller of controller software. TP-Link draait de controller in haar eigen cloud. Dat brengt in potentie vanzelfsprekend meer features met zich mee, omdat je in de cloud nu eenmaal (realtime) workloads kunt draaien die je on-prem niet kunt aanbieden. Althans, niet op een voorspelbare en consistent werkende manier.

De (voorgenomen) uitbreidingen voor het platform geven aan dat Omada een zeer belangrijke rol speelt voor TP-Link richting de toekomst. De zakelijke ambities zijn er eigenlijk altijd al wel geweest, maar kwamen nooit echt van de grond tot nu toe. Zo biedt het bedrijf al sinds jaar en dag JetStream-switches aan, maar heel veel focus lag er nooit echt op het daadwerkelijk in de markt zetten ervan. De consumentenmarkt was daarvoor veel te belangrijk. Dat is nu echt fundamenteel aan het veranderen, dat is wel duidelijk. Qua features en deployment hoeft TP-Link niet meer (veel) onder te doen voor de concurrentie, zeker niet als bovenstaande uitbreidingen er ook nog eens bijkomen.

Ons Omada-netwerk

Om een idee te krijgen van wat TP-Link Omada tegenwoordig allemaal kan, hebben we een volledig netwerk ingericht met spullen uit het Omada-assortiment. Daarbij hebben we ook echt van alle onderdelen minimaal een product in gebruik genomen. Uiteindelijk hebben we een volledig netwerk ingericht in ons thuiskantoor. Naast het kantoor, bedient het netwerk ook het woonhuis. Het netwerk bestaat uit de volgende producten: OC300 Hardware Controller, EAP265HD AC1750 Access Point, EAP620HD AX1800 Access Point, EAP235 AC1200 Wall Plate Access Point, EAP225-Outdoor Access Point, TL-SG3428XMP 24-poorts PoE+-switch en TL-ER7206 VPN-router. Het beheer doen we dus lokaal via de OC300, niet via de recent toegevoegde cloudoptie.

De rest van dit artikel zal gaan over bovenstaande hardware. In een tweede artikel bespreken we de software. Zo houden we het zo overzichtelijk mogelijk.

TP-Link Omada OC300 Hardware Controller

De OC300 Hardware Controller is zoals de naam al aangeeft een fysieke controller, waar de controllersoftware op draait. Je kunt hem ergens neerzetten, maar ook in een rack hangen. De materialen hiervoor levert TP-Link ook mee. De OC300 heeft zijn eigen voeding nodig, dit in tegenstelling tot de OC200, die via PoE gevoed kan worden. Het voornaamste verschil tussen de twee versies is dat de OC300 beduidend krachtiger is en dus meer apparaten kan bedienen dan de OC200. Voor de OC300 geeft TP-Link een maximaal aantal van 500 accesspoints, switches en routers op. De OC200 heeft een plafond van 100 producten.

Verder is de controllersoftware voor zover wij het hebben begrepen identiek. Ze hebben ook beide hetzelfde aantal aansluitingen voorop: twee keer RJ45 en een keer USB. Bij de OC300 gaat het hier om twee keer gigabit en USB 3.0, bij de OC200 om twee keer Fast Ethernet en USB 2.0. De OC300 is tot slot echt een stuk groter dan de OC200: 294 × 180 × 44 mm vs. 100×98×25 mm.

TP-Link Omada EAP265HD AC1750 Access Point

Met het EAP265HD AC1750 Wireless MU-MIMO Gigabit Ceiling Mount Access Point hebben we het topmodel uit het 802.11ac (tegenwoordig ook bekend als Wifi 5)-aanbod te pakken. Verder heeft TP-Link ook nog de EAP225 en EAP245 in het assortiment (en zelfs nog enkele Wifi 4-modellen met de EAP110 en EAP115). De HD in het access point dat wij hebben staat voor High Density; het apparaat is dus bedacht op omgevingen met veel apparaten die verbinding willen maken. De EAP265HD is zoals de uitgebreide naam al aangeeft bedoeld om aan het plafond te hangen, maar je kunt hem ook prima op een wand monteren. TP-Link levert de benodigde materialen om het access point op te hangen mee in de doos.

Hij heeft twee netwerkaansluitingen. Een van die aansluitingen ondersteunt PoE, zowel 802.3af als 802.3at, oftewel PoE en PoE+. Er is dus niet voorzien in PoE-passthrough. Mocht je op het punt waar je de EAP265HD wilt ophangen geen PoE(+) tot je beschikking hebben, dan kun je de meegeleverde PoE-injector gebruiken. De AC1750-naamgeving geeft aan dat de EAP265HD beschikt over drie antennes per frequentie (2,4 en 5 GHz), waarbij theoretische doorvoersnelheden van 450 Mbps op 2,4 GHz en 1300 Mbps op 5 GHz behaald kunnen worden. In de praktijk haal je dit vanwege interferentie en uitdoving van signalen vanzelfsprekend nooit. De EAP265HD maakt tot slot gebruik van MU-MIMO om clients vlot af te kunnen handelen. Voor meer informatie over de kenmerken en beperkingen van (onder andere) MU-MIMO, verwijzen we je naar dit diepgaande achtergrondartikel.

TP-Link Omada EAP620HD AX1800 Access Point

TP-Link heeft inmiddels ook meerdere access points die voorzien zijn van 802.11ax, oftewel Wifi 6. De EAP620HD is er eentje uit de onderste helft in dit segment. Hij is boven de EAP610 geplaatst, maar onder de EAP650/EAP653, EAP660 en EAP670. Ook dit model is bedoeld voor montage aan plafond of de muur (inclusief montagematerialen) en is gericht op High Density-omgevingen. Als je de EAP620HD en de EAP610 met elkaar vergelijkt, is op basis van de specificaties in ieder geval niet duidelijk hoe deze HD-functionaliteit geleverd wordt. De twee producten lijkten op basis daarvan identiek. Doorgaans zit het verschil hem in de antenneplaatsing en -afstemming. Dat kunnen we op basis van een specificatielijst helaas niet controleren.

Verder gebruikt de EAP620HD twee antennes per frequentie (2,4 GHz en 5 GHz), maar weet hij daar op de fysieke laag van het OSI-model wel grofweg net zoveel theoretische bandbreedte uit te halen als de AC1750 EAP265HD. Vandaar ook de aanduiding AX1800. De reden hiervoor is vanzelfsprekend het feit dat dit een Wifi 6-access point is. Voor meer informatie over Wifi 6 (en Wifi 6E), verwijzen we je weer naar het vorig jaar gepubliceerde achtergrondverhaal hierover.

TP-Link Omada EAP235 AC1200 Wall Plate Access Point

Met de EAP235-Wall hebben we het meest bijzondere access point van het stel te pakken. Dit is een Wall Plate Wifi 5 AC1200 access point. Je monteert deze dus in/aan de muur. Daarvoor kun je gewoon een bestaande inbouwdoos gebruiken, die je bijvoorbeeld ook voor je WCD met RJ45-aansluitingen gebruikt. TP-Link levert een plaatje mee waarmee je dit kunt realiseren. De EAP235-Wall is een van drie modellen in het aanbod van TP-Link. De andere twee zijn de EAP230-Wall en de EAP615-Wall. Die laatste is uiterlijk hetzelfde als de EAP235-Wall die wij getest hebben, maar dan voorzien van Wifi 6. De EAP230-Wall lijkt nog het meest op een standaard RJ45-WCD met een enkele netwerkaansluiting, maar dan ook met AC1200 Wifi 5-connectiviteit. Dat wil zeggen twee antennes per frequentie, met een gezamenlijke theoretische throughput van 1200 Mbps.

De EAP235-Wall is een behoorlijk veelzijdig access point. Het kan niet alleen mooi verdekt ingebouwd worden, maar beschikt ook nog eens over in totaal vier netwerkaansluitingen. Eentje zit achterop en dient als voeding en aansluiting op het netwerk. Onderop zitten er echter nog drie, waarvan er eentje zelfs PoE door kan zetten. Je kunt hiermee dus nog een aantal andere apparaten op het netwerk aansluiten. TP-Link richt zich met dit model overduidelijk op omgevingen waarbij je per kamer bijvoorbeeld alles centraal wilt aanbieden. Een voorbeeld dat ons te binnen schiet is de hospitality-industrie, bijvoorbeeld hotelkamers.

Wil je gebruikmaken van de de PoE-passthrough, is het overigens wel van belang dat je de EAP235-Wall voedt via PoE+, oftewel 802.3at. Je kunt hem in principe ook voeden met 802.3af, maar dan kun je geen PoE doorzetten. Het maximale uitgangsvermogen van de passthroughpoort is 13W.

TP-Link Omada EAP225-Outdoor Access Point

Het laatste access point in ons netwerk is ontwikkeld om zowel buiten als binnen te gebruiken. Het TP-Link EAP225-Outdoor Wifi 5 AC1200 access point is een van de twee outdoor-modellen in het aanbod van TP-Link en de enige in de hele line-up met externe antennes. De andere, de EAP610-Outdoor, een Wifi 6 AX1800-model, heeft interne antennes. De EAP225-Outdoor valt vooral op door zijn extreem ranke voorkomen. Hij is maar net iets meer dan 4,5 cm breed, maar wel 21,5 cm lang. Hiermee is hij dus ook geschikt voor montage aan een paal, iets wat je bijvoorbeeld op campings of vakantieparken vaak ziet.

Hij heeft verder niet zoveel bijzondere kenmerken. Een enkele netwerkaansluiting, die je waterdicht kunt afsluiten met behulp van rubbertjes, dat is het wel zo’n beetje. De EAP225-Outdoor is voorzien van een IP65-certificering. Daarmee is hij ruimschoots voldoende beschermd tegen de weersomstandigheden. De nieuwere EAP610-Outdoor heeft met IP67 wel een beduidend hogere certificering gekregen. Waarom je een outdoor access point zou willen certificeren voor onderdompeling is ons overigens een beetje een raadsel. Maar goed, beter mee verlegen dan om verlegen, zullen we maar denken.

TP-Link Omada JetStream TL-SG3428XMP 24-poorts PoE+-switch

Naast de access points en de controller heb je in een netwerk vanzelfsprekend ook een switch nodig. In onze omgeving is dat de TP-Link TL-SG3428XMP geworden. Dit is een behoorlijk potente 24-poorts PoE+switch, met een PoE-budget van 384W. Per poort kan hij maximaal 30W leveren. Snelle rekenaars hebben nu al uitgerekend dat dit betekent dat hij niet op iedere poort 30W kan leveren. Dat hoeft ook helemaal niet. Er zijn niet zoveel apparaten die 30W nodig hebben, dus het zou voor de meeste scenario’s volstrekt overkill zijn als je dit wil zou hebben. Ter illustratie, de EAP620HD die we hebben hangen onttrekt niet meer dan 12W aan vermogen uit de switch.

Verder valt op aan de TL-SG3428XMP dat hij ook over SFP+-poorten beschikt. Vier stuks om precies te zijn. Hiermee kun je de switch aansluiten op de glasvezel-backbone van je organisatie. De vier poorten op dit model zijn 10G-poorten, dit in tegenstelling tot het naaste familielid van deze switch, de TL-SG3428MP. Op dat model hebben de SFP-poorten een bandbreedte van 1 Gbps.

De TL-SG3428XMP is een zogeheten Layer 2+switch. Een Layer 2-switch kan alleen routeren op MAC-adres, bij een Layer 3-switch kan hij dit ook op IP-adres. De TL-SG3428XMP is dus geen volwaardige Layer 3-switch, maar zit een beetje tussen Layer 2 en Layer 3 in. Op het gebied van Layer 3 biedt hij het opzetten van statische routes en functionaliteit rondom DHCP en ARP.

TP-Link Omada SafeStream TL-ER7206 VPN-router

Het laatste product uit het Omada-portfolio in ons testnetwerk is de TL-ER7206 VPN-router. De TL-ER7206 is het middelste model van de drie routers/gateways in het aanbod. De TL-ER605 is het instapmodel, de TL-ER8411 het topmodel. Vergeleken met de TL-ER605, valt het vooral op dat de TL-ER7206 een SFP WAN-poort heeft (1Gbps), waar het instapmodel dat niet heeft. Verder hebben beide apparaten vijf RJ45-aansluitingen, waarvan er maximaal drie als WAN-poort ingericht kunnen worden. Er is een vaste WAN-aansluiting, twee aansluitingen kun je zelf als WAN of als LAN inzetten. De TL-ER7206 is verder intern beduidend krachtiger, met de dubbele hoeveelheid DRAM ten opzichte van de TL-ER605. Dit vertaalt zich onder andere in een fors verschil in maximaal aantal VPN-tunnels. Voor IPSec is de verhouding 100 voor de TL-ER7206, 20 voor de TL-ER605, voor OpenVPN gaat het dan om 50 tegenover 16 tunnels.

De TL-ER8411 is zoals al aangegeven het nieuwste en meest high-end model in de Omada VPN-router line-up van TP-Link. Hier zien we twee SFP+-poorten, met een maximale bandbreedte van 10 Gbps. Een van die twee kan alleen als WAN-poort ingezet worden, de andere kun je zelf instellen op WAN of LAN. Daarnaast heeft TP-Link er ook nog een derde SFP-poort op, met een bandbreedte van 1 Gbps. Deze kun je ook inzetten als WAN- of als LAN-aansluiting.

Verder heeft de TL-ER8411 ook nog 8 RJ45-aansluitingen. Deze zijn allemaal zowel als LAN- of als WAN-poort in te zetten. Tot slot zien we nog een consolepoort en twee USB3-poorten. Op de USB-poorten kun je eventueel een modem/dongle aansluiten voor failover/WAN-backup naar mobiele netwerken. TP-Link maakt op haar website geen melding van maximale aantallen VPN-tunnels, waaruit moet blijken hoe krachtig dit model is. Gezien het forse aantal potentiële WAN-aansluitingen, liggen de prestaties op dat vlak als het goed is weer een behoorlijk stuk boven die van de TL-ER7206.

Naast de ondersteuning voor het opzetten van VPN-tunnels, nemen deze routers vanzelfsprekend ook alle andere gangbare routingtaken op zich. Daarbovenop legt TP-Link de nodige nadruk op het security-aspect. Kijken we naar de TL-ER7206, dan zit er uiteraard een firewall in, maar ook DoS-detectie en -blokkering, het statisch toewijzen van een IP-adres aan een specifiek MAC-adres en de nodige filters om virussen en aanvallen van buitenaf tegen te houden. Dit zijn overigens vrijwel allemaal zaken die je in de meeste routers aantreft.

Wat ons betreft opvallend is dat de TL-ER7206 niet in een rack gehangen kan worden. Het is een desktoprouter. TP-Link gaat er kennelijk vanuit dat je hem niet in een rack gaat hangen. En dat je hem dus dichtbij het overdrachtspunt van de WAN-verbinding wilt houden. Wij willen de TL-ER7206 echter wel graag in een rack kunnen hangen en vinden het een minpuntje dat dit niet mogelijk is. Gelukkig leven we in een wereld waarin ook dit soort zaken door anderen kunnen worden gemaakt. Via Etsy vonden we iemand die een 3D-geprinte rackmount voor de TL-ER7206 verkoopt. Kwalitatief is dat een uitstekend, zij het prijzig, alternatief, al hadden we natuurlijk liever gezien dat TP-Link deze mogelijkheid standaard levert.

Prijzen

Het mag duidelijk zijn dat TP-Link een behoorlijk uitgebreid aanbod heeft binnen het Omada-portfolio. Het bedrijf staat daarnaast ook bekend om de scherpe prijzen die het hanteert. Daarop is Omada geen uitzondering. Hieronder tref je de prijzen aan voor de producten die we in ons testnetwerk hebben. TP-Link heeft ons de adviesprijzen gegeven inclusief de BTW overigens. Dat is goed om rekening mee te houden als je als organisatie op zoek bent naar nieuwe netwerkapparatuur.

  • OC300 Hardware Controller: € 174,90
  • EAP265HD AC1750 Access Point: € 99
  • EAP620HD AX1800 Access Point: € 169,90
  • EAP235 AC1200 Wall Plate Access Point: € 79,90
  • EAP225-Outdoor Access Point: € 84,90
  • TL-SG3428XMP 24-poorts PoE+-switch: € 569,90
  • TL-ER7206 VPN-router: € 179,90

Volwassen aanbod

TP-Link heeft op het vlak van de hardware echt enorme stappen gezet in de afgelopen vijf jaar. Van slechts een paar access points heeft het nu al een heel volwassen aanbod aan netwerkapparatuur. Het is heel duidelijk dat er een visie achter zit. Het meest opvallende product wat ons betreft is het Wall Plate Access Point. Dat is vooral voor omgevingen waarin je iedere kamer een eigen netwerk wil geven een uitstekende optie. We denken hierbij dan vooral aan de hospitality-industrie, maar er zijn vast nog meer toepassingen te bedenken. Alle producten in de line-up zijn daarnaast ook nog eens zeer betaalbaar. Dat is ook niet onbelangrijk natuurlijk.

Verder blijft TP-Link ook gestaag werken aan nieuwe producten. Zo berichtten we recent nog over een nieuw, slimline, 802.11ax (WiFi 6 dus) access point, de EAP650. Daarnaast werkt het bedrijf naar verluidt ook aan andere producten zoals camera’s. Tot slot komt het met nieuwe deployment-modellen, waarbij je Omada naast on-prem ook in de cloud kunt draaien. De rek is er dus nog lang niet uit. TP-Link gaat de komende jaren nog meer grote stappen zetten. Het heeft in Nederland in de afgelopen jaren haar kanaal uitgebreid en enkele distributeurs en partners aan zich gebonden. Samen met die partijen gaat het bedrijf nu de strijd aan met vooral Ubiquiti. Dat belooft een interessant gevecht te worden.

Het draait bij het optuigen van een netwerk echter niet alleen om de hardware. De naam software-defined networking geeft al aan dat de software ook een zeer belangrijke rol speelt. Zeker als je grotere netwerken gaat aanleggen, is het cruciaal dat je daar goed het oog in kan houden. Dat doet de Omada Controller Software, die op de fysieke controller (OC200 of OC300) draait, in een VM ergens op een server, of volledig in de cloud. Deze software is de kern van het Omada-platform. We hebben die software ook eens goed bekeken. Voor een deep dive daarin, verwijzen we je naar ons tweede artikel over het TP-Link Omada-platform. Daar kom je via deze link.

Lees meer