Het Nederlandse ministerie van Justitie gaat het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) verzoeken om onderzoek te doen naar Apple. Meer specifiek naar het opslaan en delen van locatiegegevens. Dit verzoek zou eigenlijk al in 2010 gedaan worden maar wordt nu alsnog gedaan.

Vorig jaar wijzigde Apple de gebruikersvorowaarden van de muziek- en softwaredienst iTunes, volgens deze nieuwe voorwaarden mocht Apple de exactie locatie van de apparatuur registreren en delen met derden. Destijds stelde de VVD hier kamervragen over en liet toenmalig minister van Economische zaken, Marie van der Hoeven, weten het CBP te verzoeken om hier onderzoek naar te doen.

Inmiddels is duidelijk geworden dat dit verzoek echter nooit is gedaan, waarom dat niet is gebeurd is volgens het huidige ministerie van Justitie moeilijk te achterhalen, dit komt vooral door de kabinetswissel. Het ministerie van Justitie is er nu voor verantwoordelijk en zij gaan alsnog dit verzoek indienen.

Het ministerie van Justitie wil alsnog een onderzoek omdat vorige maand bekend werd dat Apple inderdaad de locaties van de iPhones en iPads opslaat. Zo werd door onderzoekers aangetoond dat de gegevens meer dan een jaar worden bijgehouden. Apple stelde daarop dat het ging om een systeemfout en heeft middels een update ervoor gezorgd dat deze gegevens voortaan veel korter worden opgeslagen.

Het CBP moet gaan onderzoeken of behalve het registreren van de locaties vooral het delen ervan niet in strijd is met de Wet bescherming persoonsgegevens. Het CBP zelf wil niet reageren, zij doen geen uitspraken over lopende onderzoeken of over zaken die mogelijk onderzocht worden.

Het enige wat het CBP kwijt wil is: "We zijn onafhankelijk, dus een verzoek betekent niet direct dat er een onderzoek zal volgen."