Een Texaanse rechtbank verplicht Intel om ongeveer 900 miljoen euro aan VLSI Technology te betalen als schadevergoeding voor patentbreuk.

Het vonnis kwam van een burgerjury, aldus Reuters. VLSI Technology beschuldigde Intel in 2018 voor patentbreuk. Inmiddels heeft Intel de rechtszaak verloren. Op dit moment is de chipgigant ongeveer 900 miljoen euro aan VLSI Technology verschuldigd.

In de jaren ’80 en ’90 produceerde VLSI microprocessoren voor de Amerikaanse chipindustrie. Vandaag de dag heeft het bedrijf geen producten of inkomsten meer. Wel beschikt VLSI over een groot aantal patenten.

De patenten zijn indirect eigendom van Fortress Investment Group. Fortress wordt op zijn beurt gesteund door de SoftBank.

Patentprobleem

In de aanklacht beweerde VLSI dat de Cascade Lake- en Skylake-processoren van Intel een patent schonden met betrekking tot dataverwerking. Tijdens de rechtszaak stelde een advocaat van Intel dat de ingenieurs van het bedrijf zelfstandig werken en geen belang hebben bij de “verouderde technologie” van VLSI.

Na de uitspraak vertelde een woordvoerder van Intel het bedrijf het “sterk oneens” is met het vonnis en van plan is om in hoger beroep te gaan. Intel voegde toe dat de zaak “een van de vele voorbeelden is waaruit blijkt dat het Amerikaanse patentsysteem een dringende hervorming nodig heeft”.

Reuters nam contact op met het advocatenkantoor van VLSI, maar de organisatie weigerde te reageren. In 2021 won VLSI een vonnis van 2,2 miljard dollar van Intel in een afzonderlijke rechtszaak over meerdere patenten. Intel ging in hoger beroep.