Aanzienlijk minder dagelijkse DNS-serverqueries in Chromium

Abonneer je gratis op Techzine!

Zestig miljard stuks, dat is hoeveel DNS root server queries er dagelijks minder bestaan door een opruimactie van Chromium. Dat is een enorme verbetering van 41 procent minder verkeer.

Browsers die draaien op Chromium laten een heleboel DNS-traffic ontstaan. Dat komt omdat ze queries gebruiken om te checken of hun omnibox een query of domeinnaam is. Matthew Thomas en Duane Wessels, beide engineers bij Verisign, hebben ontdekt dat dat dagelijks om maar liefst zestig miljard DNS-queries gaat.

Chromium

Wessels heeft het daar niet bij gelaten. Hij heeft met het Chromium-team gezorgd dat de code werd aangepast. Hierdoor worden de onnodige DNS-queries niet meer gedaan. Het is zelfs al uitgerold naar Chromium 87. Het werpt zijn vruchten af. Wessels: “Vóór de softwareversie zag het rootserversysteem pieken van 143 miljard queries per dag. De traffic is sindsdien afgenomen tot ~ 84 miljard queries per dag. Dit vertegenwoordigt een vermindering van meer dan 41 procent van het totale aantal queries.”

Hoewel dat erg goed nieuws is, wil Wessels hier nog steeds meer verder. Hij schrijft: “Technologen lossen maar al te vaak problemen op door extra lagen van technologische abstracties te introduceren. Hierbij laten ze eenvoudigere oplossingen, zoals bereik en betrokkenheid, buiten beschouwing.”

Queries

“De inspanningen van Chromium laten zien hoe een dergelijke outreach en betrokkenheid van de gemeenschap een aanzienlijke impact kunnen hebben. Dat hebben ze op zowel de direct betrokken partijen als op de bredere gemeenschap. De acties van Chromium dragen direct bij aan en verlagen de operationele kosten om aanvallen bij de root te beperken.

Het verminderen van de systeembelasting van de root-server met 41 procent, met een mogelijke verdere reductie afhankelijk van toekomstige Chromium-implementatiebeslissingen is mooi. Het zal de operationele kosten verlagen die worden gemaakt om aanvallen te verminderen door afstand te doen van hun compute- en netwerkbronnen.”