Het is vandaag precies 30 jaar geleden dat IBM met zijn eerste personel computer oftewel PC op de markt kwam. Het ging destijds om de IBM 5150. De IBM PC werd destijds groot gepresenteerd in het Waldorf Astoria hotel in New York.

IBM had zich ten doel gesteld een computer te ontwikkelen die maximaal 1500 dollar zou kosten. Het project werd geleid door Dan Estridge die het uiteindelijk mogelijk wist te maken door gebruik te maken van een processor van Intel en software van Microsoft.

De IBM 5150 draaide op een Intel 8088-chip met een snelheid van wel 4,77 MHz, het systeem had afhankelijk van de configuratie 16 of 64 KB aan RAM-geheugen en voor de opslag was men aangewezen op 5,25 inch floppy’s of cassettes. De computer had dus geen harde schijf.

Verder maakt IBM gebruik van MS-DOS wat werd geleverd door Microsoft. Ook wist IBM toen al ondersteuning te bieden voor een printer. Met de dot-matrix-printer van Epson kon men printen.

IBM zorgde echter ook voor grote innovatie en een snelle groei van de PC-markt. Het deed dit heel simpel door de specificaties van de computer openbaar te maken. Iedereen mocht weten hoe IBM deze PC had gebouwd en welke onderdelen er werden gebruikt. Hierdoor kwamen er in rap tempo nieuwe spelers op de markt die wilde concurreren met IBM.

De markt groeide en innoveerde hierdoor in een rap tempo. Zo snel zelfs dat IBM het zelf op een gegeven moment niet meer bij kon houden en snel de positie van marktleider verloor. Het bedrijf specialiseerde zich steeds meer in software en besloot uiteindelijk in 2004 om de PC-tak van het bedrijf te verkopen aan Lenovo.