De Belgische regeringscoalitie is verdeeld over het verplicht afschaffen van data-encryptie in wetgeving rondom het verzamelen van datagegevens voor justitieel onderzoek.

Het voorstel voor de Belgische sleepwet verplicht aanbieders van telecomdiensten bepaalde gegevens te bewaren in het geval politie- of inlichtingendiensten ze nodig hebben om criminelen op te sporen. In het bijzonder voor diensten die end-to-end encryptie gebruiken, zoals WhatsApp of Signal, stelt het wetsvoorstel dat deze encryptie in specifieke gevallen kan worden opgeheven. Concreet komt dit neer op het inbouwen van een verplichte achterdeur.

Verschil van mening in coalitie

Op dit onderdeel van de voorgestelde wetgeving is binnen de Belgische politiek veel kritiek en deze heeft nu ook de Belgische coalitieregering bereikt. Volgens de Belgische krant De Standaard zouden de ministers Ludivine Dedonder (PS) van Defensie en Petra De Sutter (Groen) van Telecom inmiddels bezwaren hebben.

Volgens minister Dedonder moeten veiligheidsdiensten hun werk kunnen doen zonder het recht op privacy van de Belgische bevolking te ondermijnen. Bovendien vindt haar partij dat dit beter op Europees niveau moet worden geregeld. De Sutter vindt dat de veiligheidsdiensten de noodzakelijke ruimte moeten hebben, maar dat het deel over encryptie voorlopig uit de wet kan worden gehaald. Hierover moet dan een grondwettelijk debat worden gevoerd. Verder moet hiervoor ook de definitieve wettekst worden afgewacht.

Nog geen duidelijkheid

Verantwoordelijk minister van Justitie Van Quickenborne geeft aan dat het ministerie verder werkt aan de wet voor het verplicht bewaren van telecomgegevens door aanbieders. Hierbij blijft het onduidelijk of de voorgestelde regelgeving rondom encryptie gehandhaafd blijft of niet.

Tip: De valkuilen van data privacy in je organisatie