Abonneer je gratis op Techzine!

Rabobank, Postbank en ABN AMRO zijn onder managers, directeuren en professionals veruit favoriet voor privé internetbankieren. De drie banken hebben onder deze groep een marktaandeel van respectievelijk 30, 30 en 27 procent. De overige banken blijven hier ver bij achter. De nummer vier, SNS Bank, komt niet verder dan 4,6 procent, Fortis en ING elk niet verder dan 2,8 procent. Inmiddels maakt 82 procent van alle directeuren, managers en professionals bij overheid en bedrijfsleven privé gebruik van internetbankieren. Een jaar geleden was dat onder alle huishoudens nog 42 procent. Inmiddels beschikt meer dan 60 procent van alle huishoudens over toegang tot internet.

Deze bevindingen volgen uit de ICT Barometer, het tweemaandelijkse onderzoek van Ernst & Young naar de ontwikkelingen op het gebied van ICT. Het onderzoek maakt deel uit van de ’EY Leadership’ programma’s van Ernst & Young en is uitgevoerd door Interview NSS onder ruim 890 directeuren, managers en professionals. De Rabobank stelt zelf dat ze in Nederland 1,3 miljoen actieve particuliere klanten heeft die internetbankieren. De Postbank kent begin dit jaar 1,1 miljoen particuliere rekeningen die via internet worden beheerd. ABN AMRO geeft aan dat ze circa 900.000 actieve klanten heeft in Nederland.

De onderzochte gebruikers zijn over het algemeen zeer tevreden over de dienstverlening, al scoort de Postbank slechter (46 procent tevredenheid) dan de Rabobank en ABN AMRO (respectievelijk 65 en 61 procent tevredenheid). De ontevredenheid heeft vooral te maken met de kosten van internetbankieren, de service en helpdeskfunctie. De Postbank telt de meeste ontevreden gebruikers: 12 procent. Eén op de twintig gebruikers, ook bij de Rabobank en ABN AMRO, overweegt serieus van bank te veranderen op grond van het oordeel over het internetbankieren. Terwijl 82 procent van de ondervraagden bij één of meerdere van de banken gebruik maakt van internetbankieren, zegt 18 procent hiervan beslist geen gebruik te willen maken. Opvallend is overigens dat deze groep meer dan gemiddeld bestaat uit directeuren, managers en professionals in dienst van de overheid. De bezwaren van de niet-gebruikers zijn voornamelijk desinteresse (33 procent) en angst voor de veiligheid (30 procent). De kosten zijn daarentegen geen belemmering, aldus de niet-gebruikers.