min

Tags in dit artikel

, , , , , , , , ,

+1 Voor co-op, toch?

Ah, co-op, ik houd van co-op! En dan het liefst splitscreen, samen met zijn tweeën op de bank schelden en lachen. In tegenstelling tot Robin heb ik wel urenlang samen met anderen zitten gamen om gezamenlijk zo snel mogelijk het einde van de campaign te bereiken. Geweldige tijden beleefde ik met onder andere Halo, Gears of War, Borderlands, Lego-games en zelfs Resident Evil 5. Helaas zijn er ook games die mij minder bevielen, waaronder de eerste Army of Two-game. Achter de game zit een heel tof vecht voor je buddy-idee, maar vanwege de matige gameplay heb ik dat deel nooit uitgespeeld en aan het tweede deel ben ik zelfs nooit begonnen.


Dankzij het mogen reviewen van deze game krijgt de franchise bij mij alsnog een kans om zich te bewijzen als goede co-op game. Als beste maatjes en rookies van het Army of Two-team beginnen we aan een avontuur over, ja waarover eigenlijk? Iets in Mexico in ieder geval. Allereerst moeten we ons door een tutorial worstelen om de besturing onder de knie te krijgen. Hierin wordt al snel pijnlijk duidelijk waarom ik de franchise heb laten vallen. Het richten gaat niet altijd geweldig en bewegingen voelen een beetje houterig. Het coversysteem werkt deels zoals dat in Gears of War, maar laat je minder vrij. Vaak wil ik uit cover gaan om zelf een goede positie te kiezen, maar blijkbaar heeft het spel liever dat ik mij van het ene naar het andere schuilpunt verplaats. Het in cover blijven is in de meeste gevallen echter wel nodig om te overleven. Leuk hierbij is wel dat veel coverpunten bestaan uit houten kisten of, zeer vreemd geplaatste olietonnen die kapot geschoten kunnen worden.

Dan hebben we, zoals Robin eerder aangaf, de supermode genaamd Overkill. In co-op werkt dit niet altijd even handig. Beide spelers kunnen dit activeren, dus het is belangrijk om af te spreken wanneer dit wordt gedaan. Zo gezegd, zo gedaan, maar niet heus. Sowieso heb je vaak niet in de gaten dat je Overkill überhaupt kan activeren en wanneer je het dan eens wel doorhebt ram je gewoon op die knop, zonder na te denken. Voor de andere speler komt het niet altijd even goed uit en is er voor hem te weinig tijd om er nog goed van te profiteren.

Een tweede nieuwe feature is TWO Vision. Door op Select (of Back, op de Xbox 360) te drukken worden tactische voordelen op het terrein weergegeven, zoals hoe iemand te flanken is en waar gedropte wapens liggen. En wat hebben we hieraan? Niet al te veel helaas. Na het doden van een groep tegenstanders ligt er zo’n berg wapens dat je niet lang hoeft te zoeken. Ook de flank-opties wijzen dankzij het leveldesign eigenlijk al zichzelf.


Van samenwerken komt vaak ook niet echt veel terecht, meestal ben je juist competitief bezig met wie de meeste kills maakt. Af en toe ondersteun je elkaar wel, maar daartoe word je dan door de game gedwongen. Helaas missen de back-to-back sequenties, die ik net als Robin juist wel kon waarderen. Standaard co-op elementen zoals het terug tot leven brengen en elkaar over een muurtje helpen zijn wel aanwezig, maar veel dieper gaat het niet. Voornamelijk ben je bezig met het doorlopen van lineaire levels waarbij je ondertussen een stortvloed aan bendeleden uitroeit. Wat mij betreft had de focus wat meer op het samenwerken mogen liggen.