De data fabric van NetApp: wat is de toegevoegde waarde?

De data fabric moet een strategische discussie worden in plaats van een technologische discussie. Dat was de duidelijke boodschap van Matt Watts, Data Strategist & Director of Technology van NetApp, tijdens het jaarlijkse NetApp Partner Executive Forum (PEF). In een zaal vol met NetApp-partners zou je denken dat iedereen dat statement enthousiast onderschrijft. Toch kwamen we er in gesprekken achter dat lang niet elke partner nou precíés weet wat die data fabric inhoudt. Daarom doken we – samen met Anthony Lye, Senior Vice President van NetApp’s Cloud Business Unit – eens dieper in dit onderwerp. Hij liet ons onder meer zien hoe de data fabric bij de beurs van Stuttgart een basis vormt voor innovatie.

De definitie die NetApp zelf hanteert voor de data fabric? Een architectuur of reeks datadiensten die databeheer in de cloud en on-premise vereenvoudigen en integreren om digitale transformatie te versnellen. In een internationaal gezelschap als bij het PEF wordt al snel duidelijk: digitale transformatie is voor bedrijven over de hele wereld topprioriteit. Sterker nog, het is agendapunt nummer één, twee, drie, vier en vijf, ziet Lye in de praktijk. Hij vertelt dat bedrijven daar over het algemeen vier doelen mee hebben. Ze willen digitale relaties opbouwen met klanten, digitale producten maken om ze vervolgens te verkopen, tot digitale inzichten komen en – zoals NetApp het zelf noemt – het netwerkeffect bereiken: samen met klanten waarde creëren, zodat naarmate de hoeveelheid data groeit, het bedrijf méér kan doen met die data. Lye: “Uiteindelijk wil je data op je balans hebben staan, net als de andere belangrijke assets binnen je organisatie.”

Data als geheel beheren

Hoe meer je digitaliseert, hoe meer data je genereert. Die data moet worden ontdekt, beschermd, beveiligd, geïntegreerd en geoptimaliseerd. “Dat wil je allemaal kunnen doen op een niveau ónder de applicaties en de infrastructuur”, zegt Lye. “De reden is dat veel van die applicaties die data willen gebruiken. Tel daarbij op dat die data verdeeld kan zijn over allerlei locaties – on-premise en in public en private clouds – en zich ook nog eens beweegt tussen die locaties, en je kunt wel nagaan dat dit een erg groot probleem is voor bedrijven. Wat NetApp wil, is bedrijven de tools aanleveren waarmee dat ontdekken, beschermen, beveiligen, integreren en optimaliseren alle mogelijk zijn. Zie ze als een set API’s die deze bedrijven kunnen gebruiken om hun data als geheel te beheren.”

NetApp heeft op dit moment negen van dit soort diensten. Nog deze zomer komt daar een tiende bij om ze als het ware aan elkaar te koppelen. Zo ontstaat een single pane of glass: een compleet overzicht van alle data binnen, maar ook buiten de organisatie. Op deze manier kunnen ze de data gebruiken om bijvoorbeeld beter onderbouwde beslissingen te nemen, nieuwe relaties op te bouwen en data te gelde te maken. Volgens Lye is deze holistische strategie het punt waarop NetApp zich onderscheidt van concurrenten. “Ik denk dat onze open aanpak echt uniek is en durf wel te stellen dat NetApp de enige vendor is die consistente services biedt die én on-premise draaien én op private clouds én bij alle grote hyperscalers.”

Verschillende use cases

Voor welke praktische problemen biedt de data fabric dan zoal een oplossing? Of anders gezegd: welke waarde biedt de data fabric? NetApp voorziet hiermee bijvoorbeeld in een disaster-recoverystrategie en in een veilige back-up, zodat je altijd een kopie van je data hebt in geval van nood. Maar ook DevOps is volgens Lye een goede use case van de data fabric. Developers hebben immers data nodig van het productiesysteem om nieuwe releases te kunnen testen. “En ook met betrekking tot compliance kan de data fabric een rol spelen”, voegt Lye toe. “Als je data zich op allerlei verschillende plekken bevindt en daartussen beweegt, hoe weet je dan of je endpoints compliant zijn met wet- en regelgeving als de GDPR? En bovendien: staat je data wel op de juiste plek? Wat kost je dat precies? Want als data ergens ongebruikt staat, dan kost dat geld.”

Ondanks alle toepassingen die de daadwerkelijke waarde van de data fabric aantonen, merkt Lye dat bedrijven nog lang niet zoveel aandacht besteden aan hun data. “Bedrijven hebben een applicatiestrategie en een platform- of een infrastructuurstrategie, maar het is opvallend hoe weinig van hen een datastrategie hebben. Terwijl dát in deze tijd nou juist de belangrijkste is. Ook al zitten bedrijven vast aan allerlei legacy-IT-apparatuur, ze moeten digitalisering op een veel bredere schaal omarmen dan op dit moment gebeurt.”

De data fabric als basis voor innovatie

Als voorbeeld in dit verband noemt Lye de beurs van Stuttgart: Börse Stuttgart. “De ontwikkelingen in de IT-wereld gaan supersnel en zijn dan ook lastig bij te houden, ook in de financiële sector. Maar opkomende technologieën als blockchain dwingen hen tot digitaal denken – niet alleen als het gaat om interne IT-architecturen en -processen, maar ook om bijvoorbeeld klantenservice. Börse Stuttgart koos voor een samenwerking met NetApp. De data fabric voorziet in een omgeving die voor ontwikkelaars prettig werken is en zo een korte R&D-lifecycle biedt voor innovatieve, digitale diensten. Neem nou hun BISON-app, die gebruikers introduceert in de wereld van de handel in digitale valuta, zoals Bitcoin, Ripple en Ethereum. BISON toont niet alleen het laatste nieuws en de nieuwste marktontwikkelingen, maar analyseert ook social-media-metadata van belangrijke kanalen en influencers om gebruikers een heel compleet beeld te geven – dat ze vervolgens geheel naar eigen inzicht kunnen tweaken. Die service is wat klanten tegenwoordig verwachten en wat je dus moet kunnen bieden.”

“Elk bedrijf is nu terecht bezorgd dat als het niet snel genoeg vooruit gaat, het elk moment zijn voorsprong kan kwijtraken”, vervolgt Lye. “Snelheid is dus onmisbaar bij een digitale transformatie. Voor alle initiatieven die je op dat gebied ontplooit, wil je dat de benodigde data binnen enkele seconden te verkrijgen is. Data is vanuit meerdere plekken afkomstig en moet worden getransformeerd in één bepaald format, zodat bijvoorbeeld artificial-intelligence- en machine-learning-applicaties ze daadwerkelijk kunnen gebruiken. Met de data fabric zijn bedrijven dus voorbereid op de toekomst.”