5min

Tags in dit artikel

, , , , ,

Het hoofdlijnenakkoord “Trots, lef en hoop” is rond. PVV, VVD, NSC en BBB gaan nog op zoek naar de ministerploeg (inclusief minister-president) voordat de partijen op het bordes plaatsnemen. Maar wat houden de gepresenteerde plannen in voor de techindustrie in Nederland?

Het zal niemand verbazen dat tech op de achtergrond blijft van het akkoord tussen de vier partijen. (Grip op) migratie en bestaanszekerheid domineren de eerste pagina’s. Nederlandse techbedrijven zetten echter veel kennismigranten in en zullen zich afgevraagd hebben wat de nieuwe coalitie op dit gebied zal betekenen. Daar beginnen we hieronder mee, met tegelijk aandacht voor het vestigingsklimaat, werk aan de (digitale) infrastructuur, de inzet van AI, cybersecurity en de impact van IT op de hervormingsplannen voor het belastingenstelsel.

(Studie)migratie, vestigingsklimaat

De vier partijen willen migratie significant laten afnemen. Dat geldt niet alleen voor asielmigratie, maar ook voor de instroom van internationale studenten en medewerkers. Het akkoord formuleert dit als volgt: “Kennis- en studiemigratie is van belang voor de Nederlandse economie, maar de omvang moet in verhouding staan tot wat gemeenten, onderwijs, zorg en wonen kunnen dragen.”

Tip: Is 2,5 miljard euro genoeg om ASML in Nederland te houden?

Dat er wellicht alsnog grotere concessies mogelijk zijn, blijkt uit de passage over “strategische investeringsagenda’s” op lokaal niveau. Zo biedt het voornemen om “bestaande regiodeals” uit te bouwen kansen om voort de borduren op de recent aangekondigde stimulering van Brainport Eindhoven en ASML in het bijzonder. Of dat de wens vervult van Gelderse techbedrijven om ook steun te krijgen, is onzeker.

Dit gaat om meer dan geld, want ook de bereikbaarheid en het aantal woningen valt onder de eisen van deze lokale sectoren. Daar lijkt de beoogde coalitie zich bewust van: “De beschikbaarheid van talent, versterking van de kenniseconomie, innovatie, en (digitale) infrastructuur krijgen prioriteit.” Daarnaast wil men het belang van het investeringsfonds InvestNL vergroten, dat eind vorig jaar bijdroeg aan de publiek-private Dutch Future Fund II.

ASML en andere techbedrijven trekken tevens talent aan via samenwerkingen met onderwijsinstellingen. Dat komt mogelijk in de knel, aangezien het volgende kabinet de “verengelsing” van het hoger onderwijs wil tegengaan en bachelors duurder maakt voor niet-EU-burgers.

Ook haalt het kabinet het belang aan van het beschermen van kennis: “Nederland mag niet naïef zijn over statelijke actoren die mensen hier naartoe sturen of hier aansturen voor spionage.” Het is een impliciete verwijzing naar de Chinese ex-werknemer van ASML die mogelijk IP-diefstal pleegde. Het zou dus kunnen dat studenten en werknemers uit bepaalde landen minder snel coulance verkrijgen voor een aanstelling bij techbedrijven of een studieplek aan de TU Eindhoven of elders.

Digitale infrastructuur en AI

Een structureel probleem voor zowel burgers als bedrijven is netcongestie. Het akkoord spreekt over een “(her-)prioritering van wie wanneer op het elektriciteitsnet wordt aangesloten.” Dat is natuurlijk bijzonder interpretabel, waardoor het in het midden laat of er bijvoorbeeld nieuwe datacentra bijgebouwd kunnen worden. Dat is iets waar de gemeente Amsterdam recent tegen ageerde wegens het stroomtekort, een beleid dat de belangrijke rol van de hoofdstad als internationaal digitaal knooppunt onder druk zet.

De opkomst van AI kan het stroomnet nog een stuk harder treffen. Voor geavanceerde toepassingen zijn bergen aan energie- en waterslurpende GPU’s nodig, veelal in specifiek ingerichte datacentra. De overheid zelf overweegt ook om van de technologie gebruik te maken, zij het mondjesmaat: “Gebruik van AI (artificiële intelligentie) door de overheid biedt voordelen maar wordt ook aan voorwaarden gebonden zodat veiligheid, privacy en rechtsbescherming geborgd zijn. De overheid, waarbij de kennis van digitalisering moet worden versterkt, en de maatschappij worden weerbaar gemaakt tegen desinformatie en ‘deepfakes’.” Kortom: het is een bekende voorstelling van zaken die zowel de voor- als nadelen van AI benadrukt. De verwoording in het akkoord lijkt daarin aanzienlijk op de manier waarop AI in het verkiezingsprogramma van BBB ter sprake kwam.

Er is verder beperkte aandacht voor digitalisering en de eisen die dat stelt aan de infrastructuur. Dimitri van Zantvliet, Cybersecurity Directeur bij de NS en voorzitter Dutch CISO Platform, stelt op LinkedIn dat er “wat aanscherping” nodig is op dit gebied. Wel is hij positief over het belang dat de partijen aan digitale weerbaarheid hechten. Hieronder bespreken we dat aspect, naast de cyber-strategie die het volgende kabinet voor ogen heeft.

Weerbaarheid en aanpak cybergevaren

Zoals gezegd is Van Zantvliet vrij tevreden over de politieke plannen qua cybersecurity. “Een eerste cybersecurity-blik op het hoofdlijnenakkoord stemt hoopvol. De digitale dreigingsproblematiek wordt breed onderkend en heeft in diverse hoofdstukken een plaats gekregen. Dat is positief. De brede digitale transitie echter en de worsteling van de overheid met legacy ICT zie ik niet terug en daar mag wat mij betreft wel extra aandacht aan gegeven worden.” Wat cyber betreft is hij echter positief.

Die cyber-ontwikkelingen omvatten allerlei aspecten die de samenleving op verschillende punten raken. Vanuit de overheid zelf komt het concreet neer op nieuwe bevoegdheden voor de inlichtingendienst NCTV. Samen met onder meer de AIVD en MIVD kan deze instantie rekenen op een gemoderniseerde wetgeving die rekening houdt met digitale dreigingen. Een saillant detail: “Er komt onderzoek naar een veiligheidsorganisatie met taken en bevoegdheden als het DGSI in Frankrijk.” Dat houdt uitgebreidere surveillance in, grootschalige dataverzameling, hacking-autoriteiten en meer operaties tegen spionage. Dee Frans president Macron heeft laatstgenoemde functie van de Franse binnenlandse veiligheidsdienst zelfs nog meer belang gegeven rondom de Olympische Spelen dit jaar.

Later verwoordt het coalitieakkoord deze ambities op de volgende manier: “Het versterken van de digitale slagkracht van onze inlichtingendiensten en van de cyberveiligheid bij defensie heeft prioriteit.” Opvallend is verder de term “economische spionage”: opnieuw een impliciete referentie aan de mogelijke spionage bij ASML. Daarnaast wordt gehint op de infrastructurele spionage die de VS en Europa vreesden via onder andere de 5G-masten van Huawei en ZTE. “Elektronica, zoals scanapparatuur, wordt afgebouwd in strategisch belangrijke sectoren en diensten vanuit landen met verhoogde spionagerisico’s.”

Staatsactoren en cybercriminelen moeten volgens het akkoord geweerd worden door de “intensieve samenwerking tussen overheid, veiligheidsdiensten, wetenschap en bedrijfsleven.” Hoewel deze aanvallers zich doorgaans niet in Nederland bevinden, worden cybercriminelen van eigen bodem wel harder aangepakt door hogere maxima in het strafrecht. De bescherming van IT-systemen moet door het “verkleinen van risico’s” een speerpunt worden voor het toekomstige kabinet.

IT-vernieuwing

De coalitie PVV/VVD/NSC/BBB pleit ten slotte voor een significante hervorming van het belastingenstelsel. Een extra schijf in de inkomstenbelasting moet de marginale druk verkleinen, terwijl er ook wijzigingen aan het toeslagenstelsel en het afschaffen van het eigen risico aanstaande zijn.

Echter kleeft er een hardnekkig probleem aan die plannen, ongeacht wat de lezer er ook van vindt. Immers kaartte de Belastingdienst recent aan dat het nog tot 2027 nodig heeft om het eigen verouderde IT-systeem te vernieuwen. Pas dan zijn grootschalige wijzigingen digitaal te realiseren. Als Den Haag tóch snel in actie wil komen bij de fiscus, kan dit leiden tot extra vertraging voor de IT-renovatie.

Hoe dan ook komen veel van de besproken punten terug in de verkiezingsplannen van de vier partijen. Dat klinkt als een bijzonder grote open deur, maar het valt op dat de verwoording soms wel erg lijkt op de ietwat vage verkiezingsprogramma’s. Het is en blijft een hoofdlijnenakkoord, waardoor je aan vaagheid eigenlijk niet ontkomt. Zoals Van Zantvliet aangeeft: “Ik ben natuurlijk erg benieuwd op welke wijze de daadwerkelijke uitvoering gerealiseerd gaat worden.”

Lees ook onze vooruitblik op de formatie terug: De PVV is aan zet: welke digitale plannen overleven de formatie?